Menu
example

S.O.S. Relatie onder druk06/05/2016

Fanny (43) en Peter (42) zijn 15 jaar gehuwd en hebben twee kinderen. Fanny vindt dat Peter geen respect voor haar heeft, wat hij totale onzin vindt. Ze praten al een tijdje bijna niet meer.

Fanny
Ik leerde Peter kennen toen ik net 20 was. Mijn ouders stonden niet achter de relatie, maar ik hield het in het geheim lang vol, tot ze wel toestemden met een huwelijk. Ik ben enig kind, mijn ouders hebben veel bezittingen en wilden een gelijkwaardige partij, maar als puber verzette ik me daar heel hard tegen. Geld in de liefde, dat speelde toch geen rol. Ik begrijp nu hun standpunt al heel wat beter. Peter komt uit een heel andere achtergrond. Zijn ouders zijn vriendelijke mensen, ik heb me er altijd welkom gevoeld, maar materieel hebben ze het niet breed en Peter heeft dat altijd beschamend gevonden. Al sinds zijn jeugd werkt hij om zich allerlei dingen te kunnen permitteren. Het zorgde er ook voor dat hij altijd heel gedreven in het leven heeft gestaan, iets wat ik enorm in hem bewonderde. We gingen samenleven en aanvaarden aanvankelijk niets van mijn ouders, we wilden het op eigen kracht doen en dat is meestal wel goed gelukt. Toen ik zwanger was van onze zoon heb ik een hele tijd moeten rusten, waardoor ik niet kon werken en als zelfstandige betekende dit zo goed als geen inkomen. Ik heb toen geld aanvaard van mijn vader, wat Peter met tot op vandaag heel erg kwalijk neemt. Ik begrijp dat, ik had het met hem moeten overleggen, maar zag er ook geen kwaad in. Later zal ik zoveel erven, wat maakt het dan uit dat ik een deel ervan nu al krijg? Sindsdien en ook na de geboorte van onze zoon, is het nooit meer als tevoren geworden. Peter negeerde me vaak en wat erger is, hij vernederde me, aanvankelijk zonder toehoorders, de laatste tijd almaar vaker waar anderen bij zijn. Hij vindt me lelijk, te dik, stijlloos... Onlangs kwamen er vrienden eten en toen maakte hij de hele mijn kookkunsten belachelijk. Subtiel hoor, waardoor hij er in slaagt om de lachers op de hand te hebben, maar ik voelde me er klein bij. Hij noemt me dan verwend en ik merk hoe anderen die gedachtegang snel overnemen. Een stuk jaloersheid, ik besef dat, maar niet fijn. Ook tegenover de kinderen durft hij dat doen, laten uitschijnen dat mama traag of dom is. En als ze iets verstandigs doen, dat ze het van hem geërfd hebben. Ik probeer tot op vandaag daar zo positief mogelijk mee om te gaan. Ik denk dan dat hij het waarschijnlijk moeilijk heeft en het ook wel aan mij zal liggen. Een maand geleden heeft hij me echter diep gekwetst. Ik had me nieuwe nachtlingerie aangeschaft, zijn smaak, dacht ik, en toen ik de slaapkamer binnenkwam wist ik direct dat het miszat. Of ik nu dacht dat zo een vod textiel iets zou veranderen aan mijn aantrekkelijkheid, dat ik me zo nog onaantrekkelijker maakte en seks wel het laatste was waaraan hij dacht. Hij begon zich toen te masturberen, waar ik bij lag. Ik ben naar de logeerkamer gegaan. De dag erna deed hij alsof er niets gebeurd was. Ik probeerde het te vergeten, maar dat lukt niet. Ik weet ook niet meer wat ik kan doen om goed te doen.

Peter
Toen ik Fanny leerde kennen was zij jong en onzeker, een heel lief meisje ook en ik viel helemaal voor haar charme. Dat ze rijk was, wist ik, maar ik had niet het gevoel dat dit voor haar een rol speelde. Dat was natuurlijk buiten haar ouders gerekend. Die hebben altijd duidelijk laten blijken dat ze mij geen goede partij vonden en toen ze uiteindelijk aanvaardden dat ik hun schoonzoon werd, was dat eerst nadat er een duidelijk huwelijkscontract was uitgewerkt. Ik vond dat ronduit vernederend, maar Fanny kon me er telkens opnieuw doortrekken en overtuigen dat het er toch allemaal niet toe deed. Ik heb dat lang geloofd, dat ze samen met mij iets wou opbouwen, los van haar ouders, maar toen ze zwanger was van Jef is duidelijk geworden dat geld er voor haar wel degelijk toe doet. We kwamen toen moeilijker rond en omdat ze vond dat ze onvoldoende uitgerust was voor de komst van Jef, betaalde haar vader een volledig nieuwe en erg dure uitzet. Het was hun eerste kleinkind, ze mochten toch iets kopen, ze mochten als grootouder hem toch een beetje verwennen, daar kon ik toch niets op tegen hebben, zo werd er op mij ingepraat, maar ik ervoer het helemaal anders, als een regelrechte vernedering, alsof ik er eigenlijk niet toe deed. Naar mijn gevoel was ik nu volledig geklasseerd als de loser. Ik heb dat Fanny altijd kwalijk genomen, het feit dat ze dat zonder overleg allemaal goed had gevonden, wat mij natuurlijk nog eens bewees hoezeer ze het kind van haar opvoeding, van haar rijke ouders is. Na de geboorte van Jef vond ik dat er tussen ons iets veranderde. Fanny ging deeltijds werken, had daardoor meer tijd en zat vaker als voorheen bij haar ma. Ze begon er ook almaar meer op te lijken, veel minder naturel dan voorheen. Ik ergerde me ook almaar vaker aan al haar kleine kanten, de evidentie waarmee zij dingen plant, nooit rekening houdende met onze financiële toekomst, omdat ze natuurlijk weet wat er nog allemaal komt op termijn. Ik voel daardoor ook dat mijn werk en bijdrage voor haar een bijkomstigheid zijn, hoe hard ik ook mijn best doe en opklim in het bedrijf. Ook op familiefeesten langs haar kant merk ik dat duidelijk: het zijn allemaal rijke mensen en ik wordt gedoogd, zonder meer. Met welk recht doen zij dat trouwens? Ik weet dat ik haar onlangs gekwetst heb, maar als ze daar al zo zwaar aan tilt, dan moet ze maar eens nadenken wat ik de laatste jaren al doorstaan heb. Dat ze zich ooit rijk zal erven, daar is geen ontkomen aan, maar ik wil wel dat er duidelijke afspraken komen. Ik wil niet dat mijn kinderen verwende wichten worden die zich nergens voor hoeven in te spannen en zodra het even moeilijk gaat met hun hand op kunnen komen vragen. Ik merk trouwens dat dit zich nu al installeert toen Jef zaagde om een nieuwe tablet, ik zei dat zoiets veel geld kost en hij zei dat we het toch gewoon aan oma en opa moesten vragen, dat zij veel centjes hebben. Beschamend vond ik dat.

Hoe het verder ging
Als Fanny en Peter bij me langskomen is de sfeer gespannen. Op mijn vraag wat ik voor hen kan doen, trekt Peter onverschillig zijn schouders op en staart Fanny wanhopig naar haar schoenen. Ze steekt van wal, kijkt Peter aan die wegkijkt, en dan naar mij, dat het allemaal zo niet meer kan, ze er zelf niet meer uitkomen, wat ik hen aanraad te doen. Peter reageert kwaad, dat zij het zijn die moeten beslissen, niet ik en hoe dom ze is om zoiets te zeggen. De grimmige toon is gezet en het kost me moeite om het gesprek niet in een verwijtend steekspel te laten verzanden. De daaropvolgende keer grijp ik
gaat het opnieuw die richting uit, maar ik grijp in en vraag hen elk om hun grieven op tafel te leggen terwijl de andere luistert zonder te reageren. Fanny heeft het over de vele momenten waarop Peter haar vernederde, met als meest ingrijpende ervaring het bedverhaal. Peter heeft het over haar gevoel van superioriteit. 'Altijd opnieuw kan je immers bij mama en papa aankloppen.' Op mijn vraag wat dit met hem doet, antwoordt hij bitsig dat het een constante vernedering is. 'Fanny begrijpt dat niet, maar altijd word ik er aan herinnerd dat ik onvoldoende voor mijn gezin kan instaan.' Fanny relativeert. 'Waarom het onszelf moeilijk maken. Ze geven het graag. Je wist dit toch, toen je met me trouwde.' Waarop hij ‘ja, maar niet dat jouw ouders constant onze financiële huishouding zouden bepalen!' Ik praat met hen over hoe ons gezin van oorsprong op veel manieren een rol kan spelen in het leven binnen onze relatie. Zo draagt Peter een sterke drang in zich om het beter te doen dan de povere financiële situatie waarin hij opgroeide. Maar het gelach van de kinderen op de koer omwille van zijn goedkope schoenen ziet hij bevestigd in de nonchalance waarmee zijn schoonvader geld uitdeelt. Fanny op haar beurt probeert op eigen benen te staan, los van de dominante zorg van haar ouders, maar voelt dat ze moeilijk weerstand kan bieden aan hun makkelijke oplossingen. Ze snapt dat wat Peter haar verwijt ‘je bent in eerste instantie trouw aan je ouders, niet aan mij' een bron van waarheid bevat. Al relativeert ze ook: ‘ik ben uiteindelijk altijd bereid om me aan te passen.' Dat dit nu net het probleem is, zegt hij, het aanpassen. Dat hij op die manier niet weet wat ze werkelijk denkt en het uiteindelijk niet is wat haar hart haar ingeeft, maar omdat ze de vrede wil bewaren. Dat ze moet kiezen tussen hem en haar ouders, nu en duidelijk. De sessie erop geeft Fanny aan dat hij dit niet kan verwachten. ‘Jij bent er nooit echt voor mij, alleen op hen kan ik onvoorwaardelijk rekenen.' Ze zegt ook te willen scheiden en voorlopig bij haar ouders te willen intrekken. ‘Je wil niet op mij rekenen!' voegt hij er nog aan toe. En hij besluit dat het altijd zo geweest is en altijd zo zal zijn en het nu wel heel erg duidelijk is wie de schuldige is. We nemen in een onbehagelijke sfeer afscheid van elkaar.



→ Terug naar overzicht

Lezingen

Rika Ponnet verzorgt regelmatig lezingen en presentaties binnen het brede vakdomein van de liefde. Op zoek naar een originele en boeiende spreker voor je organisatie?

Boek haar nu