Menu
example

S.O.S. Relatie onder druk06/09/2012

Martine
Ik leerde Wim kennen tijdens onze studies in Leuven. We startten allebei in het eerste jaar geneeskunde, maar hij is blijven hangen in het tweede jaar en heeft uiteindelijk afgehaakt en is beginnen werken. Ik werd oogarts en heb intussen een erg drukke praktijk. Wim werkte jaren voor een bouwbedrijf, als magazijnier. Dat stoorde me in het geheel niet. Hij is een erg intelligente man met een passie voor literatuur. Ik bewonderde hem daar altijd voor. 8 jaar geleden is hij echter ontslagen, het bedrijf ging op de fles. Wim aanvaardde dat makkelijk en wou het een tijdje zo aankijken. Hij had het even gehad met werken. Ik begreep dat, maar dacht toch dat hij snel opnieuw aan de slag zou gaan. Niets bleek minder waar. Niet alleen deed hij erg weinig moeite om te solliciteren, hij verknoeide de kansen die hij aangeboden kreeg ook vakkundig. Ik dacht toen dat hij een depressie doormaakte, gaf hem het nummer van een psycholoog, maar daar had hij in het geheel geen oren naar. Ik moest hem met rust laten, hij wou zelf zijn leven leiden. Dat heb ik toen ook beslist, van hem zijn ding te laten doen. Op dat moment ben ik de groepspraktijk begonnen en werkte ik nog harder als voorheen. Het voelt bizar aan, zo een leven volgens twee snelheden: ik die keihard aan een carrière timmer en hij die gewoonweg niets doet. Hoe ik hem ook probeer te motiveren, vriendelijk vragend of kwaad, niets lijkt hem te raken. Daardoor is er veel onverschilligheid tussen ons gegroeid. Ik ben gestopt met verwachtingen te hebben. Wim zegt zoekende te zijn naar de zin van het leven, hij wil schrijven. Hij wil er niets over kwijt, maar ik vermoed dat hij me gewoon zoet wil houden. Ondanks dit alles blijft hij vriendelijk en is hij ook wel zorgzaam tegenover de kinderen. Hij helpt hen bij het huiswerk en voert hen ook naar hun activiteiten. Juist daarom, tolereerde ik veel. De druppel die de emmer deed overlopen was een recent voorval. We hebben een huiskat, een echte vechtersbaas. Na een aanvaring met een van de katten in de buurt moet zijn staart ernstig gekwetst zijn geweest. Ik was die week op congres en toen ik terug kwam vond ik dat de poes zo tam was. Toen ik goed keek zag ik dat zijn staart verschrikkelijk ontstoken was en ook enorm stonk. Ik ben direct met het beest naar de veearts geweest die de staart gedeeltelijk heeft moeten amputeren. Ik was razend. Hoe had Wim dit niet kunnen zien of ruiken? Die etterende, stinkende staart maakte de frustraties en woede van al die jaren los. Ik heb hem de huid vol gescholden. Zoals die staart wegteerde, zo voelde ik me al jaren. Ik zei hem dat hij al de energie uit mij wegzoog, dat ik hem niet meer in huis kon verdragen, dat het op was. Ik gaf wel aan bereid te zijn om nog de stap naar therapie te zetten, waarop hij direct is ingegaan.
 
Wim
Toen ik Martine leerde kennen, was zij een lieve, zachte vrouw, een groot contrast met de Martine van nu. Ik voelde me goed bij haar, omwille van haar kracht en doorzettingsvermogen, haar bescheidenheid ook. Dankzij haar kwam ik het eerste jaar geneeskunde door, maar in het tweede jaar liep het toch mis. Ik schreef toen voor een studentenblad en speelde ook muziek in een bandje en van studeren kwam weinig in huis. Ik deed geneeskunde ook niet met mijn hart. Ik wou Germaanse doen, maar als enige zoon uit een artsengeslacht was er geen andere weg. Mijn grootvader en vader zagen het zo en ik had niet de kracht om daar tegenin te gaan. Ik heb het tweede jaar getrist en toen zagen ze thuis wel in dat het geen zin had en ik beter kon gaan werken. Martine deed het intussen schitterend, studeerde af met mooie cijfers en kon zelf haar specialisatierichting kiezen. Ik was fier op haar, benijdde haar die cijfers niet, want het werk dat volgde kende ik en dat wou ik niet doen. Ik ging werken in een bouwfirma waar ik een rustige job had die me niet al te veel moeite koste. Ik kon daarnaast lezen, poëzie schrijven, dingen die ik graag doe. Martine verdiende vrij snel veel geld, dus dat was geen probleem. Ik had het veel moeilijker met de reacties bij mij thuis. Mijn vader heeft het er meer dan eens ingewreven, dat ik geen vent ben, dat ik lui ben, dat ik me moest schamen, een vrouw voor mij laten werken. Naar buiten toe pakten ze uit met haar en werd ik dood gezwegen. Ik ga nu nog maar sporadisch bij hen, wat heb ik daar immers te zoeken. Toen ik mijn werk kwijt was, voelde ik me opgelucht. Ik haatte die dagelijkse sleur, wou schrijven, computerlessen volgen. Ondertussen zette iedereen me onder druk. Martine gaf aan dat het haar allemaal om het even was, als ik maar werkte. Ik vond dat erg denigrerend, maar zei niets. Ik wil gerust opnieuw aan de slag, maar alleen in een job die me echt ligt en die heb ik nog niet gevonden. Bovendien ben ik de laatste jaren veel bezig geweest met de kinderen. Ze spelen allebei hockey en ik vergezel hen op al hun trainingen en matchen. Dat heeft toch ook zijn waarde? Ik ben ook bezig aan een boek en wil daar tijd voor nemen. Martine neemt mij mijn manier van leven kwalijk. Ze verwijt me dat ik geen aandacht heb voor haar. Ik heb inderdaad geen zin om al de problemen uit de praktijk te moeten aanhoren. Ze klaagt ook altijd over het feit dat ze het zo druk heeft. Wat kan ik daaraan veranderen? Dat ze me de schuld geeft van de amputatie van de staart van onze Pluche vind ik verschrikkelijk. Ik zie dat beest graag en zou hem toch nooit met opzet laten verkommeren, maar volgens haar is het tekenend voor mijn nonchalance, mijn levenshouding en kan ze het niet langer aanzien. Ik zie het ook niet zitten om te scheiden. We hebben toch geen problemen, waarom moeten we uit elkaar gaan?

Hoe het verder ging
Mensen die scheiden geven vaak aan dat ze uit elkaar waren gegroeid. Wim en Martine belichamen dit volledig. Toen ze 20 jaar geleden met elkaar startten was er sprake van een goed evenwicht. Wim was de belezen man met de goede afkomst, Martine het intelligente meisje uit een arbeidersgezin. Ze vond bij hem cultuur en savoir-vivre, hij bij haar een vorm van acceptatie die hij thuis nooit had gekend. Met de jaren zijn beiden verzeild geraakt in een dodelijke dynamiek: zij heeft met de jaren letterlijk datgene verwezenlijkt wat van hem, bij hem thuis, werd verwacht en waartegen hij zich afgezet heeft. Hij weigert vanuit een verlammende faalangst aan verwachtingen te voldoen en doet daardoor ten langen leste zo goed als niets meer. Hoe sterker zij wordt, hoe zwakker hij wordt. Hoe meer domeinen in hun leven zij opneemt, hij passiever hij zich opstelt. Zijn ‘macht' zit in het niets doen. Liever dan anderen en zichzelf te ontgoochelen, gaat hij elke verwachting uit de weg. Bovendien zijn beiden niet in staat om in conflict te gaan, uiting te geven aan frustraties. Martine deed dat een enkele keer, bij het verhaal met Pluche en dat na 8 jaar opgebouwde ontevredenheid. Wim blokt elke discussie af met het argument dat het zagen is en er toch niets te veranderen valt. Ik probeer met hen een gesprek over ongenoegens en verwachtingen op gang te brengen. Bij Martine wordt het een opsomming van alles wat ze ook in het introductiegesprek aangaf. Ze wil dat Wim dynamischer is, meer moeite doet voor haar, niet enkel achter zijn computer zit. Hij geeft aan dat Martine hem moet aanvaarden zoals hij is. ‘Ik laat haar doen, waarom kan zij niet aanvaarden dat ik zo wil leven?' Het wordt een gesprek voor dovemansoren. Wim weigert duidelijk elke verandering. Omdat ik merk dat alles vast loopt, nodig ik hen apart uit. Bij Wim leidt dat tot weinig. Hij geeft enkel aan dat hij hoe langer hoe meer het gevoel heeft dat Martine is zoals zijn vader vroeger was: het is nooit goed genoeg en de dingen moeten gebeuren zoals zij ze ziet. Ik vraag hem wat hij denkt van scheiden. Hij begint te wenen, geeft aan het alleen niet te zien zitten. Als ik het met Martine opneem, blijft zij vrij emotieloos. ‘Ik geloof hem niet meer, hij wil gewoon zijn leven opnemen zoals voorheen. Wel, ik kan het niet meer en heb het nu echt helemaal gehad. Ik wil dat hij vertrekt, zo snel mogelijk.' Op dat moment wordt het duidelijk dat Martine al van bij aanvang niet meer geloofde in therapie en dat Wim dit op de een of andere manier ook doorhad, vandaar zijn onverzettelijkheid. Ik vraag hen om alles even te laten bezinken en maak met hen voor de week erop een nieuwe afspraak. Martine geeft dan aan een flat voor Wim gevonden te hebben. Ze wil een proefscheiding, iets waarmee Wim als een geslagen hond instemt. Hij vraagt om verder op gesprek te mogen komen. Martine verhuist uiteindelijk Wim en betaalt alles: de flat en ook extra leefgeld bovenop zijn werkelozensteun. Zodra hij verhuisd is, geeft ze evenwel aan dat er voor haar geen weg terug is. Uiteindelijk wordt de echtscheiding aangevraagd.
 


→ Terug naar overzicht

Lezingen

Rika Ponnet verzorgt regelmatig lezingen en presentaties binnen het brede vakdomein van de liefde. Op zoek naar een originele en boeiende spreker voor je organisatie?

Boek haar nu