Menu
example

S.O.S. Relatie onder druk18/02/2008

Sandra
Ik leerde Kurt kennen in de jeugdbeweging toen ik 17 jaar was. Hij was een timide, wat teruggetrokken jongen, mysterieus vond ik toen. Hij had een sterk rechtvaardigheidsgevoel dat me enorm aansprak. Zo nam hij het altijd op voor de zwakkeren in de groep en hielp hij mensen waar hij kon. We hebben samen een fijne jonge tijd gehad, maar lieten elkaar ook erg vrij. Tijdens de vakanties gingen we lang, zonder elkaar op kamp, we hielden er ook voor een stuk een eigen vriendenkring op na, hadden eigen hobby's. Na ons huwelijk hadden we het even moeilijk om ons aan elkaar aan te passen. Het was alsof we elkaar niet echt kenden, wat ik toch raar vond na zo een lange verkering. We deden en doen ook erg weinig met zijn tweetjes, alsof we niet goed weten wat te vertellen. Praten is nooit Kurt zijn sterke kant geweest. Ik kom uit een groot gezin, heb drie zussen waarmee ik altijd een innige band heb gehad. Wij bespreken alles met elkaar, maken ook al eens ruzie, maar zien elkaar doodgraag en tonen dat ook. Bij Kurt thuis gaat het er helemaal anders aan toe, zonder grote emoties, rustig altijd. Er wordt ook nooit ruzie gemaakt. En dat is denk ik ook een beetje ons probleem. Kurt weigert elk conflict, wat ik bijzonder frustrerend vind. De eerste jaren van ons huwelijk verliepen vrij rimpelloos: we kregen onze kinderen, waren bezig met de verbouwing van ons huis en hadden het ook allebei druk op het werk. Nu al onze projecten rond zijn, we tijd hebben om te genieten van elkaar en de kinderen, lukt het gewoon niet. Zo vind ik dat Kurt heel gesloten is. Ik beslis dingen graag samen door erover te praten, terwijl Kurt dat meestal niet nodig vindt. Hij toont ook weinig zijn gevoelens. Als hij het moeilijk heeft, houdt hij dat voor zich. Hij vindt dat erover praten voor hem niets oplost. Ik ervaar op die manier veel afstand tussen ons. Ik weet me ook geen raad met mijn eigen gevoelens, heb de indruk dat hij vindt dat ik overdrijf. Als iets me echt hoog zit en hij reageert opnieuw zo lauw, word ik vaak boos en dat escaleert in roepen en tieren. Kurt gaat dan letterlijk lopen, wat mijn frustraties alleen verergert. Hij verwijt me nadien dan een gebrek aan zelfcontrole, zegt dat ik alles overdrijf. De druppel die de emmer voor mij deed overlopen was een opendeurdag op het werk van Kurt. Ik zag er hoe empathisch en betrokken hij omging met collega's, hoe graag gezien hij er is. Het leek wel een andere wereld waarin een andere Kurt leefde dan diegene die ik kende. In het naar huis rijden is de bom gebarsten. Al mijn verdriet en frustraties van de laatste jaren kwamen eruit, in het bijzijn van de kinderen, wat hij me nadien erg kwalijk heeft genomen. Sindsdien leven we nog meer naast elkaar, wat me heel ongelukkig maakt en hem ook, denk ik. Toen ik voorstelde om naar hier te komen, stemde hij daarin toe, al had ik ook een beetje het gevoel dat het hem eigenlijk niet echt meer kan schelen.
 
Kurt 
Ik ben nooit een grote prater geweest en vind het ook moeilijk om naar hier te komen, maar voel ook wel aan dat het tussen mij en Sandra zo niet verder kan. Ik heb er al veel over nagedacht en begrijp ook niet goed waarom het zo ver is kunnen komen. Toen ik Sandra leerde kennen, was zij een opgewekte en spontane vrouw, die nergens problemen van maakte, en dat trok me geweldig in haar aan. Zij was populair, legde gemakkelijk contact en vooral, ze was in mij geïnteresseerd, wat ik bijna niet kon geloven. Tijdens onze eerste jaren verkering deden we veel samen, wel meestal met anderen, maar ook veel apart en eigenlijk zon me dat wel. Ik vind het belangrijk wat persoonlijke ruimte en vrijheid te hebben, niet voor alles en nog wat verantwoording te moeten afleggen. Toen we huwden en kinderen kregen veranderde Sandra haar houding. Ze koos er van in het begin voor om enkel nog deeltijds te werken, waardoor ze meer tijd zou hebben voor de kinderen. Ik vind dat nu niet zo een goed idee meer, want de dagen dat ze niet gaat werken, is ze 's avonds soms erg op en geprikkeld, eist ze al mijn aandacht op, voor vaak kleine problemen en ik vind dat na een zware dag op het werk erg moeilijk om mee om te gaan. De laatste jaren is dat almaar toegenomen, die nood om te ventileren. Ik geef toe dat ik me hoe langer hoe meer afsluit voor haar verhalen, het niet altijd meer kan opbrengen om te luisteren. Ik vind echt dat Sandra veranderd is een zagende en klagende vrouw, wat ik vroeger nooit gedacht had. Ik kan op die manier geen aandacht geven, vind de sfeer thuis trouwens helemaal niet fijn meer. Ik heb ook niet het gevoel dat ik nog bij haar terecht kan. Het is zo een situatie geworden waarin zij alleen nog maar wil geven als ik eerst veel gegeven heb. Zo berekend allemaal. Ook ons seksleven lijdt hier enorm onder. Vroeger was vrijen een feest, nu heb ik vind Sandra dat meer een opdracht, waardoor ook ik het niet meer fijn vind. We hebben er nog nooit over gepraat, omdat ik toch al weet wat het antwoord zal zijn. Als ik maar wat meer aandacht zou geven en mijn gevoelens zou tonen, zou alles beter zijn, volgens haar. Ik geef toe dat gevoelens tonen niet mijn sterkste kant is, maar dat is het nooit geweest en dat wist ze al van bij aanvang. Waarom kon ze er vroeger wel mee leven en is dat nu onmogelijk geworden? Ik kan mezelf toch niet veranderen? De laatste maanden zijn dat zeuren en zagen overgegaan in woede. Ik kan met die uitbarstingen al helemaal niet om. Ik heb dat thuis ook nooit gezien en vind het ook erg dat iemand zo totaal zijn controle verliest, vooral als de kinderen erbij zijn. Ze slingert dan ook allerlei vernederende dingen naar mijn hoofd, noemt me gevoelloos en koud, niet in staat om liefde te geven. Ik kan haar dat moeilijk vergeven. Ze zegt wel dat ze het zo niet bedoelde, maar ze heeft die dingen toch maar gezegd en ergens vermoed ik dat ze ook zo over me denkt. Ik weet echt niet hoe het nu verder moet, maar in een dergelijke sfeer leven is niet mogelijk, zeker niet voor de kinderen.
 
Hoe het verder ging
Sandra en Kurt zijn een heel goed voorbeeld van een koppel dat weinig of niet echt praat, maar vooral veel veronderstelt en denkt te weten van de ander. Allebei zijn ze bijzonder sterk in het interpreteren en gedachten lezen bij de ander, wat ook maakt dat ze eindeloos blijven verder ronddraaien in hun slechte interactiepatronen. Sandra wil aandacht en vraagt die op een weinig effectieve manier, door die aandacht te eisen, vaak al zeurend, maar ook door zich kwaad te maken. Kurt kan niet goed om met de emotionaliteit van Sandra, houdt haar bewust op afstand, trekt zich terug in zijn eigen leefwereld, waardoor zij nog meer ageert en hij zich nog extremer terug trekt. Hij zwijgt, laat de dingen over zich heen gaan of gaat letterlijk lopen, zij praat en roept almaar sterker op hem in, in de hoop alsnog gehoord worden. We starten de therapie met een terugblik op het begin van hun relatie en huwelijk en de manier waarop ze toen met elkaar praatten. Daaruit blijkt algauw dat er ook toen al veel werd ‘verondersteld' en weinig echt werd uitgesproken. Zo hebben ze op een aantal onschuldige gebeurtenissen uit hun gemeenschappelijk verleden een fundamenteel andere kijk en zijn ze ook verbaasd dit bij de ander te horen. Ik voel aan dat dit een goede start is, het bespreken van dingen uit het verleden die niet geladen zijn door emoties. Zo laat ik hen een voorval uitkiezen, iets wat ze allebei als fijn hebben ervaren, en geef ik hen daarover een schrijfopdracht. Elk moeten ze in detail, zonder er met de ander over te praten, opschrijven wat hen toen geraakt heeft of wat hen bijgebleven is. De week erna laat ik hen elk het verhaal voorlezen en heeft de ander de opdracht rustig en ontvankelijk te luisteren. Opnieuw voelen ze allebei sterk aan dat hun verhalen erg ‘verschillend' zijn, dat ze een aantal dingen toch anders beleefd en aangevoeld hebben. Ze vinden het al bij al een aangenaam gesprek, omdat ze bij elkaar geen tegenstellingen ervaren, alleen een aanvullende kijk en beleving. Vanuit dat positieve gevoel probeer ik met hen naar het heden te kijken, naar de interactie nu. Zo nemen we een aantal recente ruzies als uitgangspunt. Ik vraag hen elk hun verhaal van de ruzie te doen rechtstreeks aan de ander. Daarbij mag er alleen gesproken worden vanuit het ik-standpunt en mogen er geen veronderstellingen gemaakt worden over de gedachten en gevoelens van de ander. Nadat Sandra gesproken heeft en Kurt geluisterd, vraag ik hem in zijn woorden haar verhaal na te vertellen. Zij mag corrigeren waar nodig of bevestigen. Daarna volgt het omgekeerde. Kurt doet zijn verhaal en Sandra luistert en vertelt na. Ze krijgen op die manier een beter zicht op elkaars gevoelswereld en zienswijze, maar ervaren daardoor ook dat ze erg verschillend zijn en ook heel andere verwachtingen hebben op een aantal terreinen. Zo heeft Kurt duidelijk een minder sterk emotioneel leven dan Sandra en kan en wil hij ook niet tegemoet komen aan haar verlangens tot delen op dat vlak. Omdat ze nu beter communiceren en geen hoogoplopende ruzies meer hebben, willen ze het opnieuw een tijdje met elkaar proberen. Ik hoor een paar maanden niets, maar dan belt Sandra dat ze alleen wil langs komen op gesprek. Kurt heeft haar verlaten en is alleen gaan wonen op een appartement. Hij kon de druk niet meer aan en wou haar niet langer ongelukkig maken. Ook Sandra vindt hierdoor rust: ze ervaart het alleen zijn als minder belastend dan het emotioneel niet aan haar trekken komen binnen de relatie. De scheiding willen ze nog even uitstellen tot ze allebei beter weten hoe ze het verder zien.
 


→ Terug naar overzicht

Lezingen

Rika Ponnet verzorgt regelmatig lezingen en presentaties binnen het brede vakdomein van de liefde. Op zoek naar een originele en boeiende spreker voor je organisatie?

Boek haar nu