Menu
example

S.O.S. Relatie onder druk14/06/2007

Mia 
Ik heb Koen leren kennen bij de scouts toen ik 17 was. We hebben allebei sociale hogeschool gedaan en zijn nadien getrouwd. Kinderen, liefst 4 of 5, stonden centraal in onze toekomstplannen en dromen. Ik raakte moeilijk zwanger en toen het toch lukte, kreeg ik op 4 maand een miskraam. Drie maand later was ik opnieuw zwanger en deze keer leek alles in orde te zijn. Tot Ben ter wereld kwam. We zagen direct dat hij geen gewoon kind was. Er volgden een hele rij van onderzoeken, met een hard verdict als uitkomst: Ben zou nooit zelfstandig kunnen functioneren en blijven steken op de mentale leeftijd van 4-5 jaar. Er bleken erfelijke factoren mee te spelen, wat ook onze droom op meerdere kinderen aan diggelen sloeg. Koen en ik hebben altijd goed kunnen praten, over alles, maar niet over Ben. Ik was aanvankelijk erg verdrietig, maar zag Ben ook direct graag. Hij was en is lief en aanhankelijk, staat op een erg blije manier in het leven en daaraan heb ik mij altijd opgetrokken. Als hij maar gelukkig is, dat is het belangrijkste. Bij Koen overheerst dat gevoel niet. Hij ziet Ben wel graag, maar is nooit echt bezig met hem. Hij is er ook zelden bij als we op stap gaan of er een ouderdag gepland wordt in de voorziening waar Ben naartoe gaat. Op de een of andere manier heb ik het gevoel dat hij Ben toch nooit aanvaard heeft. Koen is er ook zo weinig. Hij was altijd al ambitieus, maar na de geboorte kende het geen grenzen. Ik aanvaardde dat, wist dat het zijn manier was om de dingen te verwerken. Hij kreeg snel promotie en werd uiteindelijk personeelsverantwoordelijke in een groot bedrijf. Hij werkt gemakkelijk 70 uur per week, wat ik nu wel overdreven vind. Daarnaast is hij ook intensief bezig met badminton, een activiteit die we deelden tot voor de geboorte van Ben. Ik heb het de laatste tijd almaar moeilijker met zijn afwezigheid en maak daarover ook geregeld opmerkingen, wat hem dan weer in de verdediging duwt. Hij zegt dan dat we te weinig samen doen en daarmee bedoelt hij, samen zonder Ben. Ik vind het juist belangrijk dat we als gezin dingen ondernemen, samen met vakantie gaan, maar dat ziet Koen helemaal niet zitten. Volgend jaar gaat Ben naar een andere voorziening waar hij ook kan inslapen, wat Koen graag wil. Ik zie dat niet zitten. Ik kan perfect zelf voor Ben zorgen en vind het idee van een internaat gewoon gruwelijk. Alsof hij onze zoon uit ons leven wil bannen. We hebben daarover al heel veel ruzie gemaakt. Ik voel me dan vaak verscheurd, heb het gevoel dat Ben én Koen graag gezien gewoon niet mogelijk is, dat ik moet kiezen. Ik wil dat niet, maar weet ook niet hoe we uit deze situatie kunnen geraken.
 
Koen 
Toen ik Mia leerde kennen, was ik 18, maar ik wist toen al dat ik met haar zou trouwen. Mia was een opgewekt, levenslustig en sterk meisje, verbaal en met veel gevoel voor humor. We maakten plezier en deelden ook dezelfde passies: badminton en avontuurlijk reizen en in de toekomst een groot en gezellig gezin. Eigenlijk is er van al die dromen niets in huis gekomen. We waren al een tijdje getrouwd toen Mia uiteindelijk zwanger was van Ben. We wisten ook dat het een zoon ging worden en al weken voor de geboorte liep ik gewoon op wolkjes. De ontnuchtering was enorm groot toen bleek dat Ben gehandicapt was. In het begin waren we allebei verdrietig en konden we dat gevoel ook delen, maar met de tijd kwam bij mij een gevoel van opstandigheid, kwaadheid ook. Waarom wij, waarom ik? Ik zag en zie in Ben helemaal niet het kind dat ik mezelf droomde, heb het er eigenlijk nog altijd moeilijk mee dat hij is zoals hij is. Je moet het aanvaarden, zeggen mensen vaak, maar ze weten gewoon niet waarover ze het hebben. Ik voel me op alle vlak tekort geschoten, als man en als vader, als mens, ervaar Ben eigenlijk ook als een straf, al weet ik niet waarvoor. Het ergste vind ik dat mijn relatie met Mia zo veranderd is en vooral dat Mia zelf helemaal anders geworden is. Zij is eigenlijk alleen nog moeder, volledig gericht op het welzijn van onze zoon, op de zorg voor hem en al de rest wijkt. Ik ben altijd en overal het vijfde wiel aan de wagen. Door hard te werken en me uit te leven in de badmintonclub, heb ik lang met de situatie omgekund, maar de laatste jaren weegt het zwaar. Ik zie geen plaats meer voor mij thuis en ook al weet ik dat het niet zo is, Ben is naar mijn gevoel de oorzaak van alles, van het feit dat het ook tussen ons niet goed meer loopt. Iets veranderen aan de situatie is voor Mia gewoon onbespreekbaar. Zo wou en wil ze zelden of nooit een babysit nemen en die ene keer dat we met vakantie gingen zonder Ben belde ze dagelijks meerdere keren om te horen hoe het met hem was. Niet voor herhaling vatbaar dus. Vanaf volgend jaar kan Ben op internaat en ik zie dat als een nieuwe kans in ons en zijn leven. Hij is graag op school, wordt er perfect opgevangen en begeleid. Tijdens de week zouden we dan opnieuw een leven als koppel hebben, samen dingen kunnen doen, tijdens het weekend kunnen we er dan zijn voor hem. Een beetje afstand nemen van hem zou gezond zijn voor Mia en ook onze relatie ten goede komen. Dit scenario is echter niet bespreekbaar. Mia ervaart het als Ben dumpen in een instelling en ze verwijt me ook dat ik onze zoon niet graag zie. Voor mij kan het zo niet verder. Ik merk trouwens dat ik in mijn fantasie mij hoe langer hoe vaker een ander leven droom, met een andere vrouw, iets wat ik nooit voor mogelijk hield. Ik ben al eens een tijdje op gesprek geweest bij een psychologe en zij zei dat ik nog altijd in een soort rouwproces zit, opstandig ben en mijn leven, Ben niet aanvaard zoals het is. Ik denk dat er iets van aan is, maar weet verder niet hoe ik hiermee om moet. Ik wil de dingen zoals ze nu zijn ook niet op hun beloop laten. Ben kan ik niet veranderen, maar de kwaliteit van mijn relatie, de manier waarop we nu leven, die dingen wil ik toch anders of het hoeft voor mij niet meer.
 
Wat er volgt 
De echtscheidingspercentages onder ouders met een gehandicapt kind liggen aanzienlijk hoger dan het gemiddelde. Dat geldt ook voor koppels die een kind verliezen. Het heeft alles te maken met het verwerkingsproces van een dergelijke ‘verliessituatie' die voor de man en de vrouw vaker anders dan gelijk verloopt. Het drijft mensen uit elkaar, zorgt voor veel onbegrip. Een gehandicapt kind op de wereld zetten gaat nu meer dan ooit gepaard met een rouwfase. In een maatschappij waarin perfect de norm is, aanvaarden mensen het heel moeilijk als het bij hen niet zo perfect loopt. Het betekent afscheid nemen van al de dromen die je voor dat kind had, in het geval van Mia en Koen ook van een toekomstdroom als groot gezin. Het aanvaardingsproces als man en vrouw verloopt meestal ook anders. Mannen ervaren het vaak als een persoonlijke mislukking en hebben het er erg moeilijk mee dat onvolkomen kind als een verlengde van zichzelf te zien. Vrouwen stappen gemakkelijker in hun zorgende moederrol, plooien zich vaak nog harder terug op een gehandicapt dan op een gezond kind. Elk zoekt zijn weg om die dingen te verwerken. Sommigen vluchten in werk of een buitenhuisactiviteit, anderen sluiten zich juist op, vermijden sociale contacten. Vaak zie je dat er na verloop van tijd een herstel optreedt, een aanvaarding ook van de situatie. Bij Koen en Mia is dat niet zo. Ze zijn met de jaren meer uit elkaar gegroeid dan ze zelf denken, leiden elk als het ware een eigen leven. Mia en Ben tegenover Koen, zijn werk en hobby. Na een paar gesprekken blijkt dat Koen inderdaad nog niet zover gevorderd is in zijn aanvaardingsproces als Mia. Hij ziet Ben als de oorzaak van al de problemen in zijn leven, zit met zijn zoon in een soort haat-liefde-verhouding. Bij Mia wakkert deze houding haar beschermende moedergevoelens alleen maar aan. Ze wil best wat meer afstand nemen van Ben, lijkt zelfs niet helemaal negatief te staan tegenover een gedeeltelijke internaatformule, maar wil dat om de juiste reden doen: omdat het in ieders belang zou zijn. Er wordt na twee maanden een consensus bereikt: Ben verblijft de helft van de week op internaat, de andere helft thuis en Mia plant samen met Koen een aantal activiteiten. De dingen lopen echter helemaal niet van harte. Koen dringt er almaar meer op aan om Ben volledig op internaat te laten gaan, Mia ziet dat niet zitten en na een tijdje wordt er zelfs niet meer gesproken. Uiteindelijk beslist Koen om alleen te gaan wonen, even afstand te nemen. Mia ziet dat als een verraad en vraagt direct de echtscheiding aan. De procedure is lopende. Ben blijft deeltijds op internaat en brengt om de 14 dagen het weekend door bij Koen.
 


→ Terug naar overzicht

Lezingen

Rika Ponnet verzorgt regelmatig lezingen en presentaties binnen het brede vakdomein van de liefde. Op zoek naar een originele en boeiende spreker voor je organisatie?

Boek haar nu