Doorprikt: de wetenschap achter 'Blind Getrouwd'

04 maart 2017

Kan de wetenschap een huwelijk tussen vreemden doen slagen, zoals kijkcijferkanon Blind getrouwd wil doen geloven? ‘Zeker’, zeggen de makers. Maar hoe ze dat wetenschappelijk verantwoorden, daar hebben we grotendeels het raden naar. Artikel van Barbara Debusschere voor De Morgen.

 

Als het helemaal misloopt, is er altijd nog de wetenschap die ons zal redden: die troostende gedachte is het uitgangspunt van het fascinerende VTM-programma Blind getrouwd, dat bijna één miljoen kijkers lokt. Want als je na enkele mislukte dates en relaties met een Tinder-indigestie zit, is het erg aanlokkelijk om je in de stevige armen van de wetenschap te gooien.
'Hoe meer je op elkaar lijkt, hoe meer kans je maakt op een kwaliteitsvolle relatie'
Gert Martin Hald, psycholoog achter het format van 'Blind getrouwd'
Zo'n 2.800 Vlaamse singles zijn in ruil voor een ‘wetenschappelijke liefdes-gps' zelfs bereid te trouwen met een wildvreemde, aan hen gekoppeld door experts. Ze schreven zich in voor het tweede seizoen van Blind getrouwd, ook al weten ze dankzij het eerste seizoen dat ze daarmee hun intieme leven, hun mentale gezondheid, hun familie en hun kwetsbaarheden overleveren aan televisiekijkend Vlaanderen. En dat ze voor de camera's vijf weken lang het bed en nog veel meer zullen delen met een on­bekende.

Het levert intense tv op, waarbij het angstzweet van het scherm druipt, net voor ze ‘voor echt' hun jawoord moeten geven. ‘Maar het komt allemaal goed. Dankzij de wetenschap.' Is dat wel verantwoord, een zodanig blind vertrouwen in de wetenschap dat je je publiekelijk door gênante scènes forceert, zoals innig verliefd voor huwelijksfoto's poseren met iemand die je nog nooit hebt gezien?

Absoluut, stellen uiteraard de makers. Eerst en vooral is er professor Gert Martin Hald van de Universiteit van Kopen­hagen. De Deen is klinisch psycholoog en seksuoloog, en publiceerde 36 wetenschappelijke verhandelingen over lichaamsbeeld, seksualiteit en de impact van pornografie daarop. Relatievorming staat niet in het lijstje. Toch ontwierp hij het recept achter Blind getrouwd, een reeks vragen die in een algoritme worden gegoten. Gevraagd of we die kunnen inkijken, zegt Hald: "Dat is te complex. Een deel kun je terugvinden op de datingsite Q500. Die is wel in het Noors of het Zweeds."

‘Geen exacte wetenschap'
In ieder geval weten we dat de test vier delen omvat. Eerst onderzoekt Hald welke types de singles aantrekkelijk vinden, op basis van foto's van anonieme mensen. Daarna gaat hij op zoek naar de grote afknappers, zoals een ongelijke kinderwens of een niet-overeenkomende woonplaats. Het derde deel is een IQ-test. Ten slotte zijn er zo'n 350 vragen die peilen naar persoonlijkheid, waarden en normen, interesses, samenleven, communicatievaardigheden en seksualiteit. Ook gaat Hald na hoe belangrijk de deelnemers al die elementen vinden.
'Het is geen exacte wetenschap. Dat is de psychologie nu eenmaal niet'
Margo Van Landeghem, psychologe
Maar op basis van welke hypothese koppelt hij? "Gelijkenis", zegt hij. "Hoe meer je op elkaar lijkt, hoe meer kans op een kwaliteitsvolle relatie." Maar op de vraag welke studies dat aan­tonen, zegt hij niet bepaald overtuigend: "Googel eens op ‘langdurige relaties', ‘gelijkenissen' en de naam ‘Luo'. Ik herinner me die naam." Psycho­loge Shanhong Luo (Universiteit van Iowa) heeft inderdaad in 2005 een onderzoek gepubliceerd over het onderwerp, maar haar studie gaat over 291 pasgehuwden. Haar conclusies slaan dus enkel op aantrekking en beginnende stellen, niet op langdurig huwelijksgeluk.

Twee andere cruciale punten liggen ook wat lastig. Zo kan de psychologie wel een en ander inschatten op basis van de interactie tussen twee mensen, maar dat is in dit format onmogelijk.
"We vangen dat op", zegt psychologe Margo Van Landeghem. "Uit de persoonlijkheidstests, vragen over vorige relaties en groepsoefeningen onder de mannen en vrouwen onderling, leiden we af hoe iemand in de relatie zal staan. Maar het is inderdaad geen exacte wetenschap. Dat is de psychologie nu eenmaal niet. Er speelt aanvoelen en overleg tussen mensen met ervaring zoals wij."

Van Landeghem is een van de drie experts die na de ‘pre-match' door Hald mee beslissen over wie effectief gaat trouwen. Dat gebeurt via persoonlijke gesprekken, over onder andere het familiale verleden, verlangens in een relatie en het dagelijkse leven, seksualiteit en kwetsbaar­heden. "Iemand die vaak niet gehoord is, koppel je niet aan iemand die weinig zorgend is, ook al is de pre-match perfect. We gaan ook de hechtingsstijl na, en werken enkel met veilig gehechte mensen, want het is wel een heftige ervaring."

Veel te veel keuze
Ook de aantrekkingstest blijft vaag. Een van de prille bruiden kan niet genoeg herhalen dat haar echtgenoot ‘echt haar type niet is'. Hoe kan iemand anders ook, op basis van jouw smaak bij anonieme foto's, bepalen wie je in het echt knap of niet knap zult vinden? Hald, die aanvankelijk niet wilde meedoen aan de Deense versie, zegt daarover: "Klopt, dat is niet evident. Maar dit is een experiment waarbij wij enkel de slaagkans maximaliseren. Chemie tussen mensen kunnen we niet maken."

Toch lukt het aardig, meent hij. "Van de ongeveer 120 koppels die via het internationale format al ontstonden, zijn er 30 nog samen. Als je weet dat ze aanvankelijk niet verliefd waren, is dat zeker niet slecht", zegt Hald. Wat hij hier dan niet meerekent, is dat bij ‘zijn' koppels alle slaag­kansen intensief zijn gemaximaliseerd.

Ook relatietherapeute Sybille Vanweehaeghe uit het panel zegt dat we het allemaal niet moeten zien als evidence-based zekerheden. "Wanneer ik achterhaal wat voor iemand een bepaalde deel­nemer is, zet ik ook geen strikt wetenschappelijke methodes in; ik bouw op mijn jarenlange expertise. Wij willen vooral, op basis van bestaande inzichten, de kans vergroten dat het wat wordt, en tegelijk doen inzien dat verliefheid niet per se de beste basis is."

Gevraagd naar een reactie zegt relatie-expert Rika Ponnet: "Ik vind het zeker een goed idee om mensen aan te zetten zich open te stellen voor één optie, of een beperkte keuze. Want vandaag kiezen we niet of niet voluit, omdat er veel te veel keuze lijkt te zijn. En het klopt dat mensen vaak relaties aangaan met mensen die in sociaal opzicht op hen lijken."

Maar de bedenkingen van Ponnet - seksuologe, sinds 1993 relatiebemiddelaar en expert in Vind je lief (VRT) - zijn fors. "Dit devalueert het begrip wetenschap. Het is niet aangetoond dat de grootste gelijkenissen de beste relaties opleveren. Niet zelden werkt compatibel zijn beter."
'Dit devalueert het begrip wetenschap. Het is niet aangetoond dat de grootste gelijkenissen de beste relaties opleveren'
Rika Ponnet, relatie-expert
De meest fundamentele kritiek gaat over de methode. Ja, er is wetenschappelijk inzicht in wat relaties doet werken. "Maar dat zijn conclusies over koppels die al lang samen zijn", zegt Ponnet. "Oorzaak en gevolg omdraaien en die inzichten inzetten als basis voor relatievorming is geen wetenschap. Het kan dat mensen hebben geleerd open te communiceren door jaren samen te zijn, ook al waren ze bij aanvang op dat vlak geen goede match. En het is niet omdat velen kiezen voor iemand die op hen lijkt, dat dat in omgekeerde richting een recept voor een goede relatie is. Mensen lopen gewoonweg meer kans om iemand te ontmoeten in hun eigen woon- en studie­omgeving. Maar dat betekent niet automatisch dat je bij elkaar past."

Energiek in bed
Een ander punt van kritiek: het gaat altijd over gemiddelden. "Neem het gegeven dat de kans op aantrekking toeneemt als je samen iets spannends doet of als je elkaar intieme vragen stelt. (traag en nadrukkelijk) Dat is een ge-mid-del-de kans, geen zekerheid. De idee dat er een liefdesformule bestaat waarbij X altijd tot Y leidt en de rest niet werkt, is om te huilen", zegt Ponnet.

Ook vraagt ze zich af hoe representatief de deelnemers zijn. "Het zijn iets oudere singles. Dat het gros veilig gehecht is, klopt dus al niet. De verlatingsangst spat soms van het scherm, en het kan écht niet dat het panel hun hechtingsstijl echt kent. Dat kunnen alleen specialisten na langdurig onderzoek vaststellen, en zo zijn er geen in België."

Ponnet klinkt boos. "Dat ben ik ook als ik platitudes hoor als ‘dat is een energieke, dus die zal ook wel energiek zijn in bed'. Men schept de illusie dat er een recept bestaat, een wetenschappelijk dan nog, om heel simplistisch aan een levenspartner te komen. Mocht dat zo zijn, dan zaten we toch de hele tijd op de roetsjbaan elkaar intieme vragen te stellen en vragenlijsten in algoritmes in te vullen?
"Je mag mensen helemaal plat testen, van een dode mus maak je geen levende. Zelfs de meest perfecte pre-match kan in de realiteit enkel een stel goede vrienden blijken. Aantrekking, lust, emotionele connectie en hoe je elkaar wederzijds beïnvloedt, laten zich achteraf wel analyseren, maar niet vooraf voorspellen."