'Ik was verliefd op een narcist'

26 mei 2017

Waarom is het zo verdomd moeilijk om afstand te nemen van een narcist en wanneer moeten er alarmbellen gaan rinkelen? Kaatje De Coninck (Flair) vraagt het aan psychotherapeute Annelies Smolders en aan seksuologe Rika Ponnet.

 

Wat is een narcist?
Seksuoloog Rika Ponnet (Duet Relatiebemiddeling): ‘De term wordt gemakkelijk gebruikt, maar enkel een psychiater kan de echte klinische diagnose van een ‘narcistische persoonlijkheidsstoornis' stellen. Er zijn natuurlijk gradaties in narcisme: het gaat eerder om bepaalde trekken die we herkennen in een ex-partner. Vaak gaat het om heel charmante mannen, die zelf een enorme behoefte hebben aan aandacht en bevestiging, dingen die ze thuis weinig of niet kregen. Ze zullen eerder afwijzing gevoeld hebben. Of kregen geregeld te horen: ‘Hoe kon je nu zo stom zijn? Ik schaam me voor jou.' Zo'n kind ontwikkelt dan de neiging om tot elke prijs te vermijden dat hij de schuld krijgt van iets en dat schaamtegevoel weer krijgt aangepraat. Alle verantwoordelijkheid voor het intact houden van dat perfecte zelfbeeld zal extern komen te liggen. Zichzelf in vraag stellen kan niet.'
Psychotherapeute Annelies Smolders (Huis Midori): ‘Onderliggend is altijd hetzelfde aan de hand: ze hebben zelf een heel laag zelfbeeld en verbergen dat door zichzelf op te blazen, groter te maken. De gemakkelijkste manier om dat te doen, is door andere mensen kleiner te maken en af te breken.'

Wat is de aantrekkingskracht van een narcist?
Annelies Smolders: ‘Het zijn mensen met X-factor. Ze zijn vaak intellectueel en verbaal sterk, charmant en glad. Ze zijn maatschappelijk geslaagd, hebben vaak een hoge positie. Het zijn de mannen die je op een feestje opmerkt. Ze weten ook hoe ze je moeten paaien. En heeft niet elke mens wat behoefte aan aandacht? Op sommige momenten ben je daar kwetsbaarder voor. Je komt bijvoorbeeld uit een slechte relatie of je rouwt om een van je ouders die gestorven is. En dan is daar die gladde collega, die je aandacht geeft. Dat streelt je ego.'

Waarom is het zo moeilijk om van zo iemand los te komen?
Annelies Smolders: ‘Die charmante kerel is ook charmant als hij dreigt verlaten te worden. Hij wil niemand verliezen, dus als jij opstapt, zal hij je weer binnenhalen met allerlei heftige beloftes. Dat aantrekken is zo intens, dat je bijna niet anders kan dan erop ingaan. We maken onszelf wijs dat het wel ware liefde moet zijn, net omdat het zo intens voelt. Je zit vast tussen de Efteling en de hel, noem ik het. Wie op een narcist valt, kampt vaak ook met een laag zelfvertrouwen. Als je dan een Eftelingman tegenkomt, die je het sprookje voorspiegelt en je daar ook even van laat proeven, dan geef je dat niet graag af. Je denkt dat als je je keurig gedraagt, je wel zal mogen blijven. Maar je geraakt helemaal in de war, want zo gauw hij je heeft, mag je alweer bijna vertrekken. Ze zijn zo slim en lezen je handleiding, wat je nodig hebt en beginnen daarop in te spelen. Iedereen trapt er wel eens in.'

Is er een manier om hen op tijd te herkennen, een bepaald patroon dat herkenbaar is?
Rika Ponnet: ‘Meestal zijn ze zeer gevoelig voor fysieke schoonheid, omdat dat ook toevoegt aan hun eigen status. Er is altijd sprake van bewondering, geen echte liefde. En die bewondering willen ze ook van de ander. Meestal word je in zo'n relatie getrokken door de enorme bevestiging: ze zetten hun vrouw, hun prinses, op een piëdestal. Maar dat is altijd op basis van een eerste indruk. Eens je jezelf menselijk toont, starten ze met afbreken. Vaak om de stomste details. ‘Eigenlijk heb jij toch weinig smaak in schoenen.' En jij wil het beeld dat hij van jou heeft, in stand houden, dus je laat hem in het vervolg kiezen. Maar al die kleintjes stapelen zich zo hard op - want het is nooit goed - dat je je om den duur het meest waardeloze mens op aarde voelt.'
Annelies Smolders: ‘Een narcist kan druk en opvallend zijn, en met zijn charme indruk maken, maar het omgekeerde bestaat ook: iemand die eerder stil en teruggetrokken is, maar door die afstand net ook macht creëert. Dat is ook jagen. Of hij probeert je sympathie te wekken met zielige verhalen. Een narcist kan zijn prooi op verschillende manieren lokken, maar het komt er altijd op neer dat hij op het podium staat.'
Rika Ponnet: ‘Ze gaan ook vaak mensen isoleren. ‘Als je mij echt graag ziet, ga je niet met je vrienden op stap, ik heb je nodig.' Ze trekken je los uit alle verbanden die je hebt, waardoor je uiteindelijk alleen, en dus zwakker, overblijft. Vaak installeert zich dan ook bij het slachtoffer een vorm van schaamte. Ik hoor de meest destructieve verhalen: opgesloten worden, alleen nog korte rokken mogen dragen, ... Op den duur is men zo beschaamd dat men zo ver is meegegaan, dat men niet meer aan de alarmbel durft te trekken.'

Wanneer moet je aan de alarmbel trekken? 
Rika Ponnet: ‘Niemand kan bij de tweede date weten dat jij de vrouw van zijn leven bent. Als hij met dergelijke uitspraken komt, wees dan voorzichtig. Maar weet: wat hij doet en wie hij is, kan je niet veranderen. Je kan enkel aan jezelf werken. Durf dus naar jezelf kijken. Als je weet dat jij heel gevoelig bent voor dit soort bevestiging: pas dan op. Vaak zie je dat vooral vrouwen met een fragiel, laag zelfbeeld makkelijk in de aandacht van zo iemand verdrinken. Ze hebben ook niet altijd de nodige bevestiging of ondersteuning gehad, en gaan altijd opnieuw de liefde zoeken waar ze niet te vinden is. Als iemand hen gewoon graag ziet, is dat niet genoeg. Liefde is maar waardevol, als er voor gevochten moet worden.'
Annelies Smolders: ‘Het heeft weinig zin om met een narcist in relatietherapie te gaan. Het maakt hen vaak nog sterker: ze leren nog beter je gevoeligheden kennen en herkennen, en nog betere technieken om te manipuleren. Alleen in therapie gaan is wel waardevol: om te snappen waarom het zo gelopen is, bepaalde patronen te leren herkennen en je zelfwaarde weer op te bouwen.'

Nog meer lezen over narcisme? Een interessante site is https://het.verdwenenzelf.nl/