En ze leefden toch nog lang en gelukkig

03 november 2015

Het lijkt een uitzondering te worden, koppels die jàren samen zijn. En toch zijn ze er nog. Mensen die elkaar graag zien en voor elkaar blijven gaan. Ook wanneer het moeilijk gaat… Artikel van Frauke Joossen voor Libelle. Duiding door Rika Ponnet.

 

Sabine wilde weggaan bij haar man toen hij na zijn ontslag compleet veranderde
Sabine (54) is 32 jaar getrouwd met Ralph. Ze hebben samen twee dochters, die intussen op eigen benen staan. Twee jaar geleden verloor Ralph zijn werk. Hij zat anderhalf jaar thuis.
"Er was een reorganisatie, Ralph was een van de oudere werknemers. Het kon twee kanten opgaan: ofwel hielden ze hem omdat uitbetalen duur zou zijn, ofwel lieten ze hem gaan omdat jonge, onervaren krachten op lange termijn minder kosten. Het werd het laatste. Het was een schok, Ralph werkte bijna twintig jaar voor dat bedrijf. Hij was teleurgesteld, gedegouteerd. En ik voelde met hem mee. Natuurlijk vond ik het erg voor hem. Ik probeerde er voor hem te zijn, liet hem zijn verhaal keer op keer vertellen, wilde hem alle tijd van de wereld gunnen om te bekomen. Maar toen hij een half jaar later nog thuis zat, kreeg ik het moeilijker met het hele verhaal. Het ging me niet echt om het feit dat hij niet aan het werk was - daar kon hij zelf uiteindelijk ook niets aan doen - maar om de manier waarop hij ermee omging. De vitale, actieve man van vroeger was verworden tot een klagende, verzuurde man zonder ruggegraat. Erg dat ik het moet zeggen, maar zo was het echt. Mijn man, die altijd zo'n vechter was geweest, en altijd zo hard was geweest voor ‘zeurders', was er nu zelf eentje, en hoe. Alles was de schuld van de anderen, de wereld was tegen hem,... Kippevel kreeg ik als ik hem zo bezig hoorde. In het begin probeerde ik hem op te beuren en er rekening mee te houden dat hij het moeilijk had, maar na een tijd lukte me dat alsmaar minder goed. Ik verloor stilletjesaan mijn respect voor hem...
Ik geef het toe, er is een periode geweest dat ik twijfelde. Onze dochters stonden op het punt het huis uit te gaan, dit had de mooiste periode van ons leven moeten zijn. Een beetje meer financiële ruimte, meer tijd voor ons samen, eindelijk genieten van het leven na een hele periode hard werken en het huishouden combineren. En wat had ik? Een man die niet meer weg wilde, die zelfs niet meer reageerde op vacatures want ‘ze gaan me toch te oud vinden'.
Ik wilde terug de man waar ik ooit zo verliefd op was geworden, de sterke rots in de branding die Ralph altijd was geweest. Ik praatte erover met vriendinnen, die me allemaal begrepen. Ze snapten zelfs niet dat ik het zo lang uithield bij hem, zeiden ze. En dàt maakte dat ik de knop omdraaide. Opeens zag ik het in een ander licht: was dit niet wat ik hem beloofd had bij ons huwelijk? Dat we voor elkaar zouden zorgen, ook op de moeilijke momenten? Als ik eerlijk was, hadden we tot zijn ontslag alleen maar geluk gehad in het leven. We hadden elkaar jong ontmoet, hij had meteen een goede job gevonden, we kregen twee perfect gezonde kinderen, hadden een ruime vriendenkring, nooit echt geldproblemen. Natuurlijk had hij het er moeilijk mee, dit was ook voor hem de eerste echte opdoffer in zijn leven. En als ik van hem hield, was dit dan niet het moment het hem te laten zien? Ik ben met Ralph aan tafel gaan zitten, en heb hem voor het eerst verteld hoe ik het allemaal beleefde. Al die tijd was ik de steunende echtgenote geweest, terwijl ik me vanbinnen opvrat van frustratie. Nu vertelde ik hem wél dat ik het moeilijk had, dat ik de oude Ralph miste, en dat ik wilde dat we hier sàmen uit kwamen. Ralph schrok van mijn openheid én mijn frustraties. Zo had hij het nog niet bekeken, zei hij. De volgende dag stuurde hij me een mail op het werk: hij had een weekend weg geboekt voor ons tweeën. ‘Even alleen wij met z'n tweetjes. Tijd om te babbelen en even tot rust te komen'. Ik heb het met tranen in mijn ogen gelezen. Dàt was mijn Ralph...
Het weekend weg heeft ons ongelofelijk veel deugd gedaan. Ik heb hem daar moeten beloven dat ik van dan af eerlijk zou zijn met hem. Dat ik het hem ook zou vertellen als ik het moeilijk had, en niet meer zou denken dat ik hem alleen maar moest steunen omdat hij door een moeilijke periode ging. En hij heeft mij moeten beloven dat hij zijn best zou doen om weer de mooie dingen in het leven te gaan zien en vastpakken. Dat een nieuwe job voor mij niet eens prioriteit was, als hij maar weer lachte en genoot.
We hebben allebei onze belofte gehouden. Ik ben meer gaan praten over wat me bezighield. Gek, ik had al die tijd gedacht dat ik hem hielp door hem te ontzien, maar pas toen ik tegen hem in begon te gaan als hij in de slachtofferrol kroop, groeide hij weer. En Ralph ging op zoek naar andere uitdagingen. Hij begon vrijwilligerswerk te doen en vond op die manier zelfs een nieuwe job. Niet meer zo goed betaald als zijn eerder werk, maar intussen waren we er wel achter dat geld niet alles is. Ons huis was afbetaald, de kinderen waren klaar met studeren: liever een blije, enthousiaste Ralph met wat minder te besteden, dan een gestresste, nerveuze Ralph met een rijkgevulde bankrekening, toch? We hebben elkaar, en dat mag dan heel melig klinken, het is voor ons het allermooiste denkbaar..."

Het verdriet om de dood van hun zoon dreef Nicole en Bart bijna voorgoed uit elkaar
Nicole (44) is negentien jaar samen met Bart. Ze hebben een dochter, verloren hun zoon vijf jaar geleden in een verkeersongeluk.
"Een van de eerste dingen die ik hoorde in de zelfhulpgroep, is hoeveel relaties er sneuvelen na het verlies van een kind. Ik zat er stilletjes bij en was eigenlijk overtuigd dat ik één van die gesneuvelde koppels zou worden. Wanhopig was ik, moedeloos en radeloos. Ik was mijn kind kwijt, en nu zou ik ook mijn huwelijk zien stranden...
Bart en ik hebben samen aan Sams ziekenhuisbed gezeten. Mijn hand in de zijne. We deden het samen. Ook toen de dokters zeiden dat er geen hoop meer was. Gebruld heb ik, als een gewond dier. En Bart was er om me vast te houden. Over mijn haar te aaien en me zachtjes heen en weer te wiegen. Hij was oersterk, die eerste weken. Ik had het niet eens door toen, zo opgeslorpt was ik door mijn verdriet om onze zoon. Afscheid nemen van je kind is het aller- allermoeilijkste wat er bestaat. Het heeft maanden geduurd voor ik door had dat mijn relatie met Bart er onder leed, zo hard werd ik overspoeld door het verdriet, voor iets anders was er geen ruimte. Op automatische piloot zorgde ik voor het huishouden, maar gevoelens waren er niet. Er was alleen maar de dood van mijn kind. Het eerste gevoel dat terugkwam, was dat voor mijn dochter. Ja, ook haar heb ik in het begin in de steek gelaten. Daar voelde ik me schuldig om, ik wilde het goedmaken. Ik investeerde in haar, luisterde naar haar verdriet, probeerde te troosten. Nog altijd was er geen ruimte voor Bart. Het was te veel allemaal. Overleven, dat was wat ik deed. En als ik naar Bart keek, stond hij er, net als voor het ongeluk. Hij trok het. Of dat dacht ik toch. Want nog een paar maanden waren er de woede-aanvallen die hij plots kreeg, om hele stomme dingen. Een fietsband die plat ging, net voor hij wilde gaan fietsen en hij sloeg de fiets kort en klein. Stampte een gat in de deur omdat die te hard was dichtgewaaid en de klink pijnlijk in zijn zij terechtkwam.
Als ik hem vroeg wat er was, zei hij dat het niks was. ‘Laat me maar even, het gaat zo wel over', zei hij dan. Stilletjesaan dreven we uit elkaar. Als ik het over Sam wilde hebben, klapte hij dicht. Hij zei niets, maar keek met een blik van ‘Moeten we het hier nu weer over hebben?' God, wat kwetste me dat. Ik kon al bij zo weinig mensen terecht. Het was een jaar sinds Sam was gestorven, en de meeste mensen vonden dat het wel goed was geweest met al dat verdriet. Ja, mensen zijn hard. ‘Je hebt nog een gezonde dochter, concentreer je daar op', kreeg ik steeds vaker te horen. Het leek alsof Sam voor een tweede keer werd begraven, zelfs door zijn eigen vader die niet wilde dat er over hem werd gepraat.
Ik was zo gekwetst door Barts houding dat ik er zélf niet eens meer over kon praten met hem. Zo ben ik bij de zelfhulpgroep terechtgekomen, stiekem overtuigd dat ik er hulp ging zoeken voor in de toekomst, wanneer ik alleen zou zijn.
De verhalen hebben me zo'n deugd gedaan. Ze leerden me dat ik niet alleen was. Maar vooral: ze leerden me dat iedereen er op een andere manier mee omgaat. En dat er geen gradatie is in verdriet. Mijn verdriet was niet groter of dieper omdat ik altijd over Sam wilde praten. Bart hield niet minder van onze zoon omdat hij er over zweeg. Dat heeft me ongelofelijk hard de ogen geopend. Het nam het gekwetste gevoel dat ik had weg, en bracht ruimte om terug te praten. Niet over Sam, maar over ons. Af en toe zei ik Bart hoe ik me voelde over iets. Als hij ook maar iets van emotie liet zien, ging ik er rustig op in, zei ik dat ik het fijn vond dat hij het me vertelde - zonder dan verder te pushen voor een diepgaand gesprek.
Ik had aanvaard dat Bart Bart is, en niet ik. Mijn eigen verdriet en emoties kon ik in de praatgroep kwijt.
Toen we Sam net hadden verloren, panikeerde ik, denk ik. Ik had het gevoel dat Bart en ik het verdriet samen moesten verwerken, en dat kon alleen door er samen over te praten. Intussen weet ik dat dat niet hoeft. Ik ben een prater, hij niet. Ik heb andere manieren gezocht, en ben er daardoor wél in gelukt: we verwerken dit samen. Het verdriet blijft duren, het gemis wordt alsmaar groter. Maar Bart en ik zijn nog altijd een koppel. En ook al verwerken we het elk op onze eigen manier, het maakt ons hechter dan ooit..."

Omdat haar man haar bedroog, verbrak Simone bijna haar relatie
Simone (39) is veertien jaar getrouwd met Mark. Ze hebben samen een dochter. Hij bedroog haar anderhalf jaar geleden.
"Iedereen heeft het gesprek wel eens gehad onder vriendinnen, denk ik: ‘Wat als hij vreemdgaat?' Ik was altijd heel categoriek: ‘Valiezen pakken en buiten!' Voor mij was dat de ultieme grens binnen een relatie. Iedereen wordt wel eens in de verleiding gebracht na een jarenlang huwelijk. Het is net dan dat je kiest voor elkaar, toch? Als je dat niet kan, is er geen respect, vond ik. En zonder respect, geen huwelijk.
En toen vertelde Mark me dat hij me had bedrogen. Niet één keer, maar een half jaar aan een stuk. Een collega - oh cliché - in een periode dat er bij ons thuis de sleur wat in zat.
Het klinkt zo droog als ik het zo vertel, en zo kwam het in eerste instantie ook binnen. Het was alsof ik niets voelde, toen Mark het me vertelde. Ik hoorde wat hij zei, maar ik leek het niet te registreren. Ik heb nog een uur met hem gepraat. Zakelijk bijna. Ik heb hem gevraagd wat hij nu wilde doen - hij wilde verder met mij - en hoe hij zich voelde - slecht, zei hij. We zijn samen gaan slapen. Voor hij in slaap viel, zei hij: ‘Ik ben zo blij met jou, je bent zo begripvol'. En ik lag naar het plafond te staren, uren aan een stuk.
De klap kwam pas de volgende dag. Mark werd wakker en kuste me, vol liefde. Er knapte iets in mij. Het was al bijna alsof dit achter ons lag, zo deed hij erover. Ik wilde roepen, huilen, slaan. Maar ik deed niets. Ik was de begripvolle echtgenote, toch? Ik had zo begripvol gereageerd de vorige avond, hij was zo blij met mij. Het was alsof ik dat niet kon terugdraaien.
Twee weken lang hebben we zo geleefd. Onze ‘plastieken' fase, noem ik het wel eens. Het was nep, niet echt. Mark deed geforceerd zijn best om te doen of we het gelukkigste koppel ter wereld waren, en ik deed dapper met hem mee. Vanbinnen ging ik kapot. Ik dacht na over weggaan, droomde ‘s nachts dat ik hem uit het raam duwde. Het was een héél heftige periode. En overdag glimlachte ik alleen maar. Uiteindelijk ben ik gecrasht bij mijn beste vriendin, die ik nog niets had verteld. Niemand wist iets - wat moest ik zeggen?
Ze merkte dat er iets niet goed zat, en bleef doorvragen. Uiteindelijk ben ik beginnen huilen, voor het eerst sinds ik het had ontdekt. Ik kon niet meer stoppen, mijn vriendin heeft op een gegeven moment gewoon naar Mark gebeld om te zeggen dat ik daar bleef slapen. Toen hij vroeg waarom, heeft ze heel giftig geantwoord dat hij daar ‘maar eens heel goed over moest nadenken, en dat hij het dan wel zelf zou kunnen bedenken'. Door mijn tranen heen glimlachte ik. Mijn lieve, trouwe, stoere vriendin zei wat ik niet over mijn lippen kreeg...
We hebben een avond met veel te veel wijn en oneindig veel tranen gehad, en dat luchtte gigantisch op. Samen met mijn vriendin heb ik de mogelijkheden overlopen. Ik had de optie weg te gaan bij hem. Maar als ik eerlijk was, wilde ik dat niet. Ik hield van Mark, ondanks mijn gigantische woede op dit moment. Ik hield van wie wij samen waren. En ja, misschien had ik zelf ook wel een deeltje mijn verantwoordelijkheid in het vreemdgaanverhaal. Het was geen excuus, maar ik had hem ook wel als heel vanzelfsprekend gezien. Als ik er over nadacht, wist ik niet meer hoe lang het geleden was dat we nog iets met z'n tweetjes hadden gedaan, bijvoorbeeld. Alles was altijd belangrijker geweest, leek het.
‘Ga je het kunnen, bij hem blijven?' vroeg mijn vriendin bezorgd. Ik moest eerlijk toegeven dat ik dat niet wist. Maar ik wilde het wel een kans geven.
De volgende dag ben ik terug naar huis gegaan, Mark zat op me te wachten, had zijn werk gebeld. We zijn gaan wandelen met z'n tweeën. Eindelijk kon ik vertellen hoe verraden ik me voelde, hoe boos ik op hem was en hoe hard hij me had teleurgesteld. Mark heeft geluisterd. En dat was de juiste aanpak voor mij.
Ik heb hem van meet af aan gezegd dat ik niet het grote slachtoffer wilde zijn, want dat ik dat niet wàs. Ik had net zo goed fouten gemaakt. Ik vertelde hem dat ik het nog een kans wilde geven, ons huwelijk. Maar dat we er dan écht wel allebei voor moesten vechten.
We hebben een nieuwe start gemaakt. Meteen een vakantie met z'n tweetjes gepland - dat was geleden van voor de geboorte van onze dochter, twaalf jaar eerder. We hebben heel technisch onze agenda's samengelegd en elke week één avond voor ons gereserveerd. Het was Marks taak om hem in te vullen, elke week opnieuw. En hij deed het, met overtuiging. We zijn op restaurant geweest, naar de film, de sauna, maar ook een keer naar het strand in de gietende regen. Eindelijk was er weer ruimte voor romantiek. Voor ons. Het was alsof we opnieuw verliefd werden op elkaar. Nu, het was natuurlijk niet allemaal even leuk en fantastisch, ik heb héél vaak op mijn tong moeten bijten. Als hij opeens een last minute late vergadering had, bijvoorbeeld. Of als hij wat afweziger was als anders. Of als hij wat te vaak naar zijn smartphone keek. Ik moest mezelf inhouden om hem niet te controleren of zelfs ruzie te maken, gewoon vanuit het machteloze gevoel van ‘Wie zegt me dat je dit niet opnieuw gaat doen?'
Maar op die momenten dacht ik aan onze dochter. Aan de jaren die we samen hadden doorworsteld. Aan alle mooie dingen die we samen hadden meegemaakt. Ik heb er zelfs een speciaal schriftje voor gekocht. Als ik een bui van jaloezie voelde aankomen, ging ik daar in schrijven: dan moest ik van mezelf mooie herinneringen ophalen en neerschrijven. En het werkte, voor mij. Het hielp me te zien dat iedereen fouten maakt - en dat sommige fouten heel diep kunnen snijden. Maar dat vreemdgaan niet het einde van je relatie hoeft te betekenen. We zijn nu anderhalf jaar verder, de grote crisis verschuift naar de achtergrond. We zijn opnieuw écht gelukkig samen. En daar ben ik trots op. De anderhalf jaar die ik nu heb gekregen, is een bonus. En zo wil ik alle bijkomende tijd samen gaan zien: als een cadeautje. Ik heb onze tijd samen lang genoeg als vanzelfsprekend gezien."

Carla en Peter kregen zware problemen over de opvoeding van hun zoon
Carla (42) is achttien jaar samen met Peter. Ze hebben twee kinderen. Ze hadden een heel moeilijke puberteit met hun jongste zoon.
"Ze zeggen wel eens dat koppels het vaakst ruzie maken over geld en over kinderen. Ik kan dat laatste onderschrijven... Voor Joren begon te puberen, kon ik me geen leuker leven bedenken. Peter en ik allebei een job met uitdaging en plezier, een gelukkig huwelijksleven samen, twee toffe kinderen, een warme familie om ons heen, leuke vrienden. We hadden alles om gelukkig te zijn. En toen begon Joren dus te puberen. Niet zomaar een beetje brutaal antwoorden af en toe, maar écht heel zwaar puberen. Elke week was er wel iets. Ofwel belde de school omdat hij weer maar eens speibelde, ofwel had hij geld uit onze portemonnee gepakt, ofwel konden we naar het politiebureau omdat hij op een fuif totaal over de rooie was gegaan en was beginnen vechten zonder aanleiding. Het was écht heftig. En het erge was: ik begreep niet waarom. We waren geen gebroken gezin, er zaten geen verborgen lijken in de kast. Hoe kwam het toch dat Joren zo ontspoorde? Ik lag er nachten van wakker, en het ergste was dat ik er met Peter niet echt over kon praten. Hij was alleen maar boos, terwijl ik probeerde te zoeken naar een verklaring voor Jorens gedrag. Waardoor wij ruzie kregen, want Peter vond dat ik te begripvol was, en dat het daardoor kwam dat Joren zo over grenzen heen ging. Op den duur waren we elkaar eigenlijk alleen nog maar verwijten aan het maken... Ik begreep niet dat Peter zo hard en categoriek was, hij snapte niet dat ik zo'n ‘softie' was. Het dreef ons uit elkaar, hoe hard ik ook probeerde dat niet te laten gebeuren. Maar op den duur ben je zo gespannen dat élk gesprek ontspoort in ruzie. Ik voelde me in de steek gelaten door Peter, het leek alsof hij iemand was geworden die ik niet eens meer kende, laat staan graag zag.
En toch ben ik bij hem gebleven. Want buiten Joren en zijn hele problematiek, hadden we wél een goed huwelijk samen. Ik ben het altijd blijven zien als een fase. Een fase waar ik af en toe gék van werd, maar wel als iets wat voorbij zou gaan. En inderdaad, twee jaar later kalmeerde Joren en keerde de rust ook terug in ons gezin. Af en toe vraag ik me nog af of we het wel goed hebben aangepakt samen. Want uiteindelijk hebben we niets opgelost, alleen maar gewacht tot het voorbij zou gaan. Anderzijds heeft het me laten zien dat we een sterk team zijn. Ook als het niet makkelijk is, blijven we kiezen voor elkaar. Allebei. En daar ben ik echt wel heel gelukkig om."

Blijven kiezen voor elkaar
Hoe komt het dat sommige koppels heftige gebeurtenissen samen doorkomen, waar andere relaties afspringen op iets kleins? Rika Ponnet, relatiedeskundige: "Waarom het ene koppel vastloopt in een conflictzone terwijl een ander er wél samen kan doorkomen, heeft alles te maken met de band die ze samen hebben. De hechtheidsband tussen twee mensen in een relatie wordt gevormd en gesterkt door hun vermogen samen leuke en minder leuke dingen te delen én is belangrijk om er samen voor te blijven gaan. Anders gezegd: hoe meer jullie dus samen delen, hoe meer draagkracht jullie samen hebben om de moeilijke momenten samen door te komen."

Samen verdriet dragen
Rika Ponnet: "Het allerbelangrijkste is elkaars zijn te respecteren. Jij hebt het misschien nodig te praten over je verdriet, terwijl je man dan net stil en teruggetrokken wordt. Het is belangrijk dat te respecteren en er geen negatieve invulling aan te geven. Als jij denkt: ‘Hij zegt er niets over, hij vindt het dus niet zo erg' of ‘Hij vindt het niet goed dat ik er wél vaak over praat', kom je in conflictsituaties terecht. Het moeilijkste in relaties is vaak het écht luisteren naar elkaar. We bedenken zelf veel te vaak hoe de ander zich voelt, gebaseerd op de lichaamshouding van de andere of wat we dénken dat de andere denkt, en daar verbinden we vaak negatieve interpretatie aan. Durf te vragen: ‘Wat bedoel je daarmee?' en luister dan ook echt naar het antwoord. Ook als dat is ‘Slecht, en ik heb geen zin om er over te praten', dan weet je dat ook, en dan hoef je er geen verdere interpretatie aan te geven."

Waar ligt de grens?
Rika Ponnet: "Hoe lang je blijft vechten voor je relatie en hoe ver je ervoor wilt gaan, kan niemand voor jou beslissen. Wat voor de ene perfect leefbaar is, is voor de andere een brug te ver. In de maatschappij van vandaag is het een heel individuele afweging geworden. Vroeger had je het geloof dat je aangaf dat je moest blijven bij je partner, ten koste van alles. Vandaag benaderen we het anders, hebben we op elk moment de mogelijkheid eruit te stappen. Alleen jij kan bepalen hoe lang je blijft gaan voor je relatie."