‘Ik wou die kinderen, en nu ze er zijn, gaat hun geluk voor het mijne’

26 september 2015

‘Ik word met die man niet oud, geen sprake van. Maar zolang de kinderen me nodig hebben, blijf ik.’ Er wordt al eens meewarig over gedaan, nu ouder- en partnerschap steeds meer worden gesplitst, maar nog altijd veel koppels doen het: samenblijven voor de kinderen. Zijn zij het huis uit, dan volgt vaak de scheiding. Of toch niet. Artikel van Greet Plets voor De Standaard. Zij vraagt de mening van Rika Ponnet.

 

‘Ik had hem vroeger vaak gezegd: als ik ooit een man ontmoet die een beetje charmant is, dan ben ik verkocht, denk ik. Ik warmte en affectie nodig. Maar de laatste jaren leek het beter te gaan, ik hoor het me nog zeggen tegen een vriendin: Mark* en ik, wij worden samen opa en oma. Er waren geen grote problemen meer. Alleen, toen we kort daarna met het gezin op reis gingen, zag ik plots: er is ook geen liefde meer. We zaten in de bergen, het weer was mooi, de streek ook, maar zelfs dan was hij niet lief voor mij. Hij kon niets verdragen, was kortaf. En op een avond, toen we van een uitstap terugkwamen, dacht ik: ik ga ze zeggen, die drie woorden. IK WIL SCHEIDEN.'

De jongens waren nog buiten, aan het sporten, vertelt ze. Hun vader reageerde even onvoorspelbaar als kort: als het zo zit, ga ik slapen, zei hij. Pas de ochtend erop vertelde hij An* (50) dat zijn reactie er één uit onvermogen was, hij had de boel bijna kort en klein geslagen. Maar ook voor de kinderen, 19 en 21 toen, was het een schok.

‘Ik herinner me hoe de kin van mijn ene zoon begonnen te trillen. Kasper* en Juul* hadden de moeilijke tijden gekend: de colères van hun vader, zijn depressies, de periodes dat hij dronk. Ook zij dachten dat het beter ging. We zaten de laatste jaren vaak samen voor de tv, Mark en ik, soms zelfs hand in hand - de dingen die je doet, of dénkt te moeten doen, als je een koppel bent. Die ons ook door onze therapeuten waren aangeraden: doen alsof helpt soms om elkaar ook écht graag te zien. Ik heb zo lang mogelijk voor hem - en vooral: voor hen, de kinderen - gekozen. Maar ik werd ook steeds banger: hoe houd ik dit vol?'

Ze zegt het zonder schroom of schaamte, wel integendeel: ze is al die jaren voor de kinderen gebleven. Voor die twee fantastische twintigers, 22 en 24 nu, die Mark en zij samen hebben gemaakt, en met wie het goed gaat - ‘dat is een groot geluk: waren ze aan de drugs geweest, het was een ander verhaal'. ‘Als een moederkloek' heeft ze voor hen geschermd toen ze de scheiding wou.
‘Het was het eerste wat Kasper zei nadat ik het had verteld: "Ik wil niet dat jullie ruzie maken en ik wil niet dat er veel voor mij verandert." We hebben nog diezelfde vakantie beslist dat Mark zou verhuizen en dat de kinderen bij mij zouden blijven - het huis was van mij. Ik heb met Mark ook de afspraak dat ik hem niet zwart maak. Het was veel makkelijker geweest als ik mijn ouders had gezegd: hij heeft me al die jaren bedrogen. Die smeerlap, zou hun reactie zijn geweest.'

Altijd een gevoelsbeslissing
Het verhaal van An en Mark begon al enigszins bezwaard. Zij achttien, hij tien jaar ouder en toen al een ‘complexe, fragiele man'. Genetisch belast ook, met een familie waarin zelfdoding de hele stamboom heeft verminkt. Maar net zo goed een kunstenaar, een man met smaak en een hoofd vol ideeën.

‘Het cliché: de artistieke zonderling. Mark was eigenzinnig en kwetsbaar, dat trok me aan, ik wou voor hem zorgen. En als ik eerlijk ben: ik heb altijd geweten hoe hij was. Hij had ook toen al depressieve buien, hij bedroog me al voor we kinderen hadden. Ook dat maakt dat ik mild ben voor hem: ik heb ervoor gekozen hem vader te maken. En ik wou de consequenties van die keuze dragen. Het was de reactie van mijn zus toen ik haar op de hoogte bracht: "wij dachten: Mark is het kruis in haar leven, en zij heeft beslist dat te dragen".'

Dat leek lang zo, ook voor An. Overspel? Ach, als het de seks maar was, dacht ze op de duur.‘Maar kijk, ik word nog emotioneel als ik erover vertel. Het is lang verdrongen verdriet. De voorbije jaren zijn erg therapeutisch geweest. Ik mag dan al geweten hebben wie Mark was, de impact van 30 jaar met hem heb ik schromelijk onderschat. Hij was bij momenten zo depressief dat ik dacht: het touw ligt klaar, doe het dan. Ik was vaak liever met de kinderen alleen geweest. Maar scheiden kon niet: ze zouden een vader hebben gehad voor wie ze moesten zorgen.'

Ze is ervan overtuigd dat ze ook daarom pas zo laat de stap heeft gezet: het gaat beter met Mark. Hij is stabiel sinds enkele jaren, heeft een mooie job, is nog steeds een knappe man. ‘En hij was me trouw die laatste jaren. Mensen vonden het vreemd dat ik wou scheiden zonder dat er een ander in het spel was, maar ik vond het net belangrijk dat we geen van beiden iemand anders hadden. Ik wist: hij is oké, nú kan ik scheiden. Hij heeft ook geen enkele moeite gedaan om me tegen te houden: de dag dat we weer in het land waren, is hij naar datingsites gesurft - hij had haast meteen een nieuwe vriendin. Maar mocht hij ongelukkig zijn geweest na de scheiding, en eenzaam, dan had ik me schuldig gevoeld.'

Het is een factor die sterk wordt onderschat, vindt relatietherapeute Rika Ponnet: het schuldgevoel dat met een scheiding gepaard gaat. Vaak worden de kinderen als argument-om-te-blijven genoemd, maar ze zijn zelden de enige reden, stelt Ponnet. Koppels zonder kinderen gaan verhoudingsgewijs vaker uiteen dan stellen met kinderen, maar de verschillen zijn niet bijzonder groot.‘Het zou een devaluatie zijn van wat een echtscheidingsproces is: zeggen dat veel stellen louter en alleen voor de kinderen samenblijven. Uiteengaan, of net blijven, is veel complexer, en haast altijd een gevoelsbeslissing, merk ik in mijn praktijk. Achteraf halen mensen er rationele argumenten voor aan, om hun keuze voor de buitenwereld en zichzelf te verantwoorden. Zeggen dat je twintig jaar in een ongelukkig huwelijk bent gebleven vanwege de kinderen, is makkelijker dan toe te geven dat je bang was voor de stap. Of voor het verdriet dat je zou veroorzaken.'

Doet dat niet de ouders als An tekort, die hun kinderen bijvoorbeeld co-ouderschap willen besparen? Die op de tanden bijten omdat ze er oprecht van overtuigd zijn dat de impact minder groot is zodra hun kinderen zelfstandig zijn. ‘Ik loochen niet dat kinderen een bindende factor zijn', zegt Ponnet. ‘Ik zeg wel dat het ook om de gevoelens van de ouders gaat. Veel koppels weten pas als de kinderen weg zijn: met die man of vrouw word ik niet oud. Of ze zeggen voor de kinderen te wachten, maar hebben zélf die jaren nodig voor ze echt kunnen beslissen. Onderschat niet hoezeer een scheiding als een falen wordt gevoeld. Mensen voelen zich mislukt, ze vragen zich af wat ze hun kinderen, hun ouders, hun partner aandoen. Het is vaak lastig leven met dat schuldgevoel.'

Zei ze daarom ooit in een interview: samenblijven voor de kinderen is zo gek nog niet? Oh nee, haast ze zich te zeggen. ‘Ik pleit wel voor een realistischer beeld van relaties en het gezinsleven. Laten we eerlijk zijn: de kans dat een vrouw van 46 met drie kinderen en maat 44 ooit een Hollywoodleven leidt, is nihil. Ik ben ervan overtuigd dat iemand sowieso de stap zet als de limieten zijn bereikt. Is de situatie onhoudbaar, dan is scheiden een vorm van zelfbehoud. Moeilijker wordt het als het wél nog leefbaar is, maar niet veel meer dan dat. Wat verwacht je nog, wat kan nog als je vijftig bent?'

Lijf in lichterlaaie
De vraag is ook An niet vreemd. Het gesprek met de vriendin, een paar maanden voor An haar besluit nam, ging daarover net: wat is goed, of goed genoeg? ‘Eigenlijk was zij het die over háár relatie begon. Ze vertelde dat ze ongelukkig was en dat ze zich kon voorstellen dat ze nog zou scheiden. Ik schrok, ze was altijd de meest burgerlijke van mijn vriendinnen geweest. Ik zei dat het geen geluk was wat ik had met Mark, maar misschien viel van het leven niet meer te verwachten. Maar het heeft me toen wel aan het denken gezet.'

Het verbaast An hoeveel mensen in hetzelfde schuitje blijken te zitten nu ze haar verhaal kennen, en ook dat van hen durven te doen. In een enquête bij 2.000 Britse gezinnen een drietal jaar geleden gaf één op de tien koppels aan voor de kinderen samen te blijven - en te willen scheiden als die oud genoeg waren. An: ‘Maar je moet het ook kunnen. Ik ben financieel altijd onafhankelijk geweest. Veel vrouwen én mannen hebben die vrijheid niet.'

Bovendien: kan een man van vijftig nog veel kanten uit, voor een vrouw leest het verhaal vaak anders. Op Facebook vertelde iemand vorige week hoe ze vroeger met haar man (intussen ex) vaak door een goede kennis op diner werd gevraagd, maar daarna, toen ze alleen was, jarenlang níet meer. En nu weer wel: ‘O, je hebt dus weer een relatie? Wat fijn! Je moet binnenkort maar eens komen eten bij ons.'

‘Single vrouwen van vijftig voelen zich vaak uitgerangeerd', zegt Rika Ponnet. ‘Zelfs vrouwen van veertig zijn in ons relatiebureau al een "moeilijke groep". Ze hebben vaak de zorg voor de kinderen en veel mannen willen geen vrouwen die daar voltijds mee bezig. Nogal wat vrouwen die op latere leeftijd scheiden, voelen zich eenzaam. Zolang ze nog aan het werk zijn, of kinderen thuis hebben, slorpt dat hun aandacht op. Maar volgt het pensioen, dan blijft vaak niet veel over.'

‘Oudejaar vind ik rot', zegt ook An. ‘Jaren met dezelfde koppels gevierd - dan blijf ik liever thuis nu, een keer goed huilendoet ook deugd. (lacht) En ik ga niet meer op reis, want vakantie is: wakker worden naast je lief. Maar ik ben veel minder eenzaam dan ik was met Mark. Ik ben niet bang geweest voor de stap: mijn grens was overschreden, ik had goesting in de sprong. En ik had zelfvertrouwen - Mark heeft het niet kapot gekregen.'

Wat ze wél mist, het enige, is een lief. ‘Maar ik sta ervoor open, het is nog niet te laat.' Pas een jaar na de scheiding is ze voor het eerst weer met een man naar bed geweest. ‘En daar was ik wél erg bang voor. Ik ben niet dun, geen twintig meer, ik heb twee kinderen gekregen, mijn lijf is het niet meer wat het was. Maar ik was er op zeker moment zó aan toe. Ik zat op een terrasje in Antwerpen, het was zomer, iedereen blij, ik zag er een collega en nadat we samen koffie hadden gedronken, dacht ik: morgen doe ik je binnen. Eén beweging van hem - hij wreef even over mijn rug toen hij vertrok - had mijn lijf in lichterlaaie gezet. We hebben een keer of drie gevreeën toen, maar we zijn er ook snel weer mee gestopt. Het wekte zulke emoties in mij op dat ik smoorverliefd werd, en dat wilden we niet.'

Twee jaar later gaan ze opnieuw af en toe met elkaar naar bed, zonder meer: alleen seks. Ze zoeken allebei een partner, en dat weten ze. Maar in afwachting, hoe heerlijk: een man die haar mooi vindt en teder met haar is. ‘Ik had in geen jaren nog gekust, die eerste keer was ongelofelijk. Ik heb vrede met mijn keuze, maar ik word wel triest als ik bedenk hoe lang ik dit heb gemist. Mark en ik hadden niet weinig seks, we hadden onze routine en ik was daar best tevreden mee. Maar ik merk nu pas hoe lief en respectvol een man in bed kan zijn. Wat een cadeau, op mijn vijftigste!'

‘Ik zat vast'
Voor Ilse, 48 en net als An moeder van twee, was het lang een uitgemaakte zaak: de dag dat de kinderen mij niet meer nodig hebben, ben ik weg. Meer dan twintig jaar is ze intussen met Chris getrouwd, ‘maar behalve de kinderen delen wij niets'. Ze heeft naar aanleiding van dit gesprek lang over haar leven nagedacht, en haar conclusie is hard: ‘Ik was erg oppervlakkig toen ik met Chris begon. Mijn ego had een flinke deuk gekregen omdat ik net in een andere relatie gedumpt was, ik vond mezelf lelijk en lomp - ik zou nooit iemand kunnen krijgen die enigszins de moeite was. Maar ik wou wel kinderen, en bij voorkeur bij een slimme man. Dus toen Chris interesse toonde, was ik vooral vereerd. Dieper dan dat is het nooit gegaan. Wij kúnnen niet praten. Lekkere wijn of wat gaan we eten vanavond?: dat soort dingen wel. Maar wat ik voel, waar het naartoe moet: daarover gaat het nooit. We hebben ook nooit ruzie: kan niet als je tegen een muur praat.'

Ze herinnert zich hoe ze op haar trouwdag geschminkt werd, en nog niet wist of ze wel zou tekenen een uur later in het stadhuis. Ze twijfelde niet eens, ze voelde: dit mag ik niet doen. Maar alles was geregeld, iedereen stond klaar, wat zouden de mensen niet denken. ‘En toen zat ik vast.'

Intussen weet ze dat bij haar man meer speelt dan een introverte persoonlijkheid, of een onvermogen om te praten. Een diagnose is nooit gesteld - andere tijden nog - maar pathologisch is het zonder twijfel. Het heeft haar ergernissen niet weggenomen, wel haar woede: hij kan het zelf niet helpen. En heeft zij het niet gezocht?

‘Chris is niet veranderd, ík ben beter gaan kijken. Ik herinner me dat ik zelfs in onze studententijd al bevestiging zocht: "Zeg eens dat je me graag ziet", zei ik ooit. "Dat ik je graag zie", was zijn antwoord - toen vond ik dat grappig, nu denk ik: hoe dom kon je zijn? Maar ik wou die kinderen, zo egoïstisch was ik wel, en nu ze er zijn, gaat hun geluk voor het mijne. Het is het enige wat we samen hebben gerealiseerd - en het is niet niets: twee prachtige tieners, twintigers bijna, die evenveel van hem zijn als van mij. Bovendien is hij altijd een prima vader geweest.'

‘Ik ben hem daar dankbaar voor, maar ik zie hem niet graag. Echt niet. En dat maakt me bang. Als we oud zijn en hij zit kwijlend in z'n zetel, dan zal het me niet lukken om te blijven en voor hem te zorgen. De liefde die dat vraagt, voel ik niet. Ik ga hem een goede plek in een rusthuis zoeken, omdat ik respect voor hem heb, maar soms denk ik: kon hij maar verongelukken voor het zover komt. Dan hoef ik tenminste niets meer te doen of te beslissen.'

Nochtans: vorig jaar nam ze wél een besluit. Twee mannen hadden kort na elkaar interesse getoond, en al was ze daar niet op ingegaan, het deed haar goed. ‘Ik zou nooit vreemdgaan, Chris verdient dat niet, maar in mijn hoofd: geen overspeliger vrouw dan ik. Ik dacht: er zien tóch mannen wat in mij. Maar ook: wat gooi ik allemaal weg? Op een avond, toen we allemaal samen waren, heb ik het op tafel gegooid: "Er wordt hier niet meer gepraat, jullie zijn zelfstandig, ik ben niet meer nodig. Ik ga een huisje huren hier vlakbij, zodat jullie altijd langs kunnen komen, maar ik ga wel weg." Waarop de kinderen naar adem hapten, vroegen of ik zot was, en wegliepen. En later is daar nooit nog over gesproken. Chris heeft niets gevraagd, niets gezegd, geen enkele emotie getoond.'

Het sterkt haar in het gevoel dat ze met hem geen toekomst heeft. Maar de reactie van de kinderen was zo hevig dat een vertrek niet meer aan de orde is. ‘De kinderen kunnen het voorlopig niet aan. Dus is het mijn plicht te blijven, toch zeker tot ze een diploma hebben, en op eigen benen staan. Dat is minstens nog zes jaar, ja - dan is het voor mij wellicht te laat. En ik ben intussen zo op mijn vrijheid gesteld. Ik leef al meer dan twintig jaar met het gemis: dat raakt nooit meer opgevuld, wat ik ook doe. Of ik blijf, of vertrek: wat maakt het nog uit?'

Opengebroken nest
Het is nochtans een beeld dat dezer dagen graag wordt opgehangen: de actieve vijftiger die een tweede leven begint. Geld, een goede gezondheid, en nu zelfs de tijd: hij heeft het allemaal. Maar Rika Ponnet is sceptisch. ‘Zo'n relatie op latere leeftijd is soms de kers op de taart, maar ze is zelden zo verbindend als die eerste. Het engagement dat je ooit met je eerste partner bent aangegaan, heeft een blijvende invloed op je leven. Je verliest sowieso als je daar een eind aan maakt. En jij niet alleen: ook kinderen, exen, (schoon)ouders, vrienden betalen een prijs. Je kunt proberen dat verlies te beperken, maar scheiden is een nest opbreken. Ook als de kinderen het huis al uit zijn. Ik zie in mijn praktijk hoe ingrijpend een scheiding ook voor twintigers en dertigers nog is.'

Sarah (37) was 27 toen haar ouders uiteengingen, en zelf net moeder van een zoontje. Ze voelde, in eerste instantie, vooral opluchting bij de scheiding. De spanning was de jaren ervoor almaar toegenomen, en zeker zij als oudste had daar last van. ‘Ik zette altijd mijn voelsprieten op: hoe zit de sfeer, wat kan ik doen? Mijn man herinnert zich hoe gespannen ik was als ik op vrijdag van Leuven naar huis ging, en hoe opgelucht 's zondagavonds als ik naar mijn kot terug kon.'

En toch, vanochtend was ze nerveus en ze wist meteen: vanwege dit gesprek. ‘Hoe oud je ook bent, als je ouders uiteen gaan, valt je kerngezin weg. En het komt nooit meer terug. Ons ouderlijke huis werd verkocht, mijn moeder ging twintig kilometer verderop wonen, mijn vader in het buitenland: ik heb met geen van die plekken enige emotionele band. Mijn moeder nodigt ons graag uit voor een feest of een etentje, maar ik merk dat ik die dingen liever bij óns doe. Wat voor haar nu "thuis" is, zal dat voor mij nooit meer zijn. Mijn thuis is weggevallen - materieel én emotioneel: ik heb meer afstand van mijn vader en moeder genomen.'

Ze herinnert zich hoe ze als kind soms aan haar ouders vroeg: jullie gaan toch nooit scheiden, hé? Omdat ze toen al voelde wat een impact dat zou hebben. ‘Later, aan de unief, hoopte ik haast dat ze zouden zeggen: het is voorbij. Maar ik had makkelijk spreken: ik was al weg, mijn zus en broer zaten wel nog thuis. Een scheiding zou voor hen erg ingrijpend zijn geweest.'

Haar broer heeft hun moeder ooit bedankt, herinnert ze zich, omdat hij nooit een ‘kofferkind' is geworden. ‘Mijn moeder heeft er lang over gedaan om bij mijn vader weg te gaan, en dat had zeker met ons te maken: ze wou voor ons tot het uiterste gaan. Maar ze vond het ook een falen toen haar huwelijk kapotging. Ze heeft lang geprobeerd. En toen het toch tot een scheiding kwam, was ze haast gebroken.'

Intussen hebben Sarahs ouders allebei een nieuwe partner. Was op de eerste verjaardagsfeestjes van de kleinkinderen de spanning nog te snijden, de laatste keren ging het goed. ‘Ze zijn intussen zo ver, denk ik, dat ze elkaar het beste wensen. Liefde is er altijd geweest, maar samenleven lukte niet meer. Ik vind het makkelijk zeggen: dat zelfs een conflictrelatie beter is voor kinderen dan een breuk. Als je als kind midden in dat conflict zit, is het vreselijk, ik weet waarover ik spreek. Anderzijds: ook met die scheiding ben ik nooit klaar. De spanning ebt nooit helemaal weg. Ik geef mijn ouders nergens de schuld van, maar het laat zich blijvend voelen.'


* Vanwege de privacy is dit een schuilnaam.