Laten we onze relaties koesteren

15 juli 2013

“Hechting is het thema van deze tijd”, stelt Rika Ponnet. Weg met Venus, Mars en alle andere koek: ‘Blijf bij mij’ houdt relaties tegen een ander licht, ook holebirelaties. Klamp je je vast, kies je makkelijk het hazenpad of twijfel je tussen beide? “Ik wil geen enkele hechtingsstijl culpabiliseren.” Artikel van Annelies De Waele en Lut Verstappen voor Zizo Magazine.

 

In je boek maak je geen onderscheid tussen heteroseksuele en homoseksuele relaties. Hebben relaties tussen personen van hetzelfde geslacht niet een eigen dynamiek?
Rika: "In wezen zie ik geen verschil. Ook holebi's groeien op met het romantische ideaal van een partnerrelatie waarin het gevoel regeert. Ook zij zullen ervaren dat een relatie niet alleen over liefde gaat, maar ook over strijd. En hoe ieder een stuk bagage meebrengt, gebaseerd op wat je in je eerste kerngezin en in eerdere relaties hebt beleefd."
"Misschien ligt het strijdtoneel elders. Bij koppels van hetzelfde geslacht, vooral bij vrouwen, zie je vaker een gelijkwaardige taakverdeling. Heterorelaties behouden nog dikwijls een traditioneel rollenpatroon, ondanks alle emancipatie. Die patronen sluipen ook binnen in veel holebirelaties. Het is misschien taboe, maar in sommige holebirelaties cast een van beiden zich fel in de rol die je veeleer mannelijk kunt noemen, terwijl de andere vooral de verzorgende, als vrouwelijk ervaren, rol opneemt. Ook die stellen maken ruzie over wie de was zal doen."
"Het is begrijpelijk. We groeien allemaal op in een wereld waarin die traditionele rolverdeling nog sterk wordt voorgeleefd. Ik vel daar geen oordeel over. In functie van het hechtingsverhaal is het belangrijk te weten waar je je waarde uit haalt, en of je daar binnen je relatie de ruimte voor krijgt."
 
Uit onderzoek weten we dat een heel sterke partnerbinding kenmerkend is voor een aantal lesbische relaties, met een neiging tot symbiose. Zijn lesbiennes vaker angstig gehecht?
Rika: "Over hechtingsstijlen en hoe die de partnerrelaties beïnvloeden is al heel veel bekend. Er wordt nergens melding gemaakt van verschillen tussen hetero's en holebi's, dus moeten we aannemen dat die er niet zijn. Alleen bij homo's, die vaker een promiscue levensstijl verkiezen, zou er vaker sprake zijn van een angstige ondertoon in de hechtingsstijl. Natuurlijk kunnen er andere psychologische mechanismen spelen. Die kunnen dan weer beïnvloed zijn door iemands hechtingsstijl. Zo ‘kiest' een vrouw misschien voor een lesbische relatie omdat ze - bewust of onbewust - een heel negatief manbeeld heeft ontwikkeld. Misschien groeide ze op met een slecht functionerende vader en is ze niet in staat, of te bang, om een intieme relatie aan te gaan met iemand van het andere geslacht. Deze vrouw kan, vooral op jongere leeftijd, een relatie met een andere vrouw als veiliger ervaren. Misschien zal ze na tien of vijftien jaar toch nog de stap zetten naar een relatie met een man. Het omgekeerde kan ook: een lesbische vrouw die vanuit een verlangen naar veiligheid relaties met mannen aangaat, terwijl ze pas ontdekt wat liefde en intimiteit kunnen betekenen als ze de stap zet naar een vrouwenrelatie."
"Natuurlijk wil ik de keuze voor een holebirelatie niet psychologiseren. Niet alle vrouwen met een afwezige vader ‘worden' lesbisch. Ik ben er trouwens van overtuigd dat je geaardheid voor een groot deel aangeboren is. We weten ook dat op het continuüm aan geaardheden een aantal mensen nooit een relatie met iemand van het andere of van hetzelfde geslacht zal overwegen. Daartussen zit een grote groep voor wie die positie minder zwart-wit is. Je eigen positie bepalen, is een persoonlijke strijd , die je bovendien levert in een wereld met het heteropatroon als norm."
 
Anderzijds heb je het type lesbo dat zeer onafhankelijk is, of toch zo overkomt, het type waar anderen vaak verliefd op worden. Zij gaan snel ‘all the way', maar verbreken hun relatie al even bruusk. Heeft dit vermijdende patroon een link met hun lesbisch zijn, met hun strijd om te kunnen zijn wie ze zijn?
Rika: "Opnieuw zie ik hier een spiegel met heterorelaties. De destructieve relatiepatronen waar vermijdende personen in stappen, homo of hetero, verschillen niet wezenlijk. De voorbeelden zijn me niet vreemd: het type stoere vrouw die in een relatie met veel strijd en jaloezie met een veeleer traditionele vrouw twee kinderen op de wereld zet. Vervolgens ruilt ze haar partner voor een jonger, ook zeer vrouwelijk uitziend type, met wie al vrij snel opnieuw de strijd losbarst. Je kunt hier de vrouwen makkelijk vervangen door hetero's. De mechanismen die hier spelen hebben minder met hun geaardheid te maken dan wel met hun hechtingsstijl."
"Het is wel zo dat het type ‘cowboy', de vermijder die niemand nodig lijkt te hebben, in onze maatschappij sterk wordt opgehemeld. Daar zijn vrouwen even gevoelig voor als mannen. Maar de persoon die kiest voor een relatie met zo'n vermijder heeft ook haar of zijn inbreng. Uiteenlopende hechtingsstijlen trekken elkaar aan als een magneet."

Hebben veilig gehechte personen meer gelijkwaardige relaties?
Rika: "Als je onder gelijkwaardigheid verstaat ‘met respect voor ieders inbreng en talent' dan is het antwoord ja. Als het betekent ‘met twee even veel carrière maken en de huishoudelijke taken delen', dan vrees ik dat het nog vaker neen is. Nogal wat mensen met een veilige hechtingsstijl leven vrij klassiek: ze vinden vroeg hun levenspartner, krijgen kinderen en blijven niet zelden bij elkaar tot de dood hen scheidt. Ook wat seksualiteit betreft: tachtig procent heeft van geboorte tot dood maar twee bedpartners."
"Ik merk wel dat de veilig gehechten sneller aan de bak komen bij een relatiebureau als Duet: door hun hoge relationele vaardigheid, hun realistisch verwachtingspatroon vinden ze sneller een match."
 
Staren we ons als het over relaties gaat niet blind op de scheidingscijfers?
Rika: "De cijfers zijn hard: veertig procent van de gehuwden houdt het voor bekeken, dat is gigantisch. Bij niet-gehuwden liggen die cijfers nog hoger. Zestig procent van de gehuwden blijft dus wel getrouwd. Maar ook in de gezinnen die ‘compleet' blijven, zien we veel ongezond of risicovol gedrag. Overspel wordt graag gezien als een romantische beslissing, maar het is vaak een uiting van zeer veel onrust, narcisme, angst, wegloopgedrag..."
"Mijn boek slaat aan omdat mensen inzicht krijgen in de patronen waarin ze vastlopen, maar ook vanwege het realiteitsgehalte. Mensen vinden het bevrijdend te lezen dat het romantische ideaal slechts een fase is. Daarna komt de tijd van de ‘goed-genoeg-relatie'. Ik stoor me aan de mythe van het geluk. We kunnen ons niet elke dag ‘top' voelen. Meestal voelen we ons ‘gewoon', en soms ook wat minder, ook in onze relatie."
"Het verschil met vroeger is dat we nu minder vastzitten. De toename van relatiebreuken gaat onmiskenbaar samen met de toename van de welvaart. We scheiden omdat we het ons kunnen permitteren. Nu kiezen we voor iemand vanuit emotionele argumenten, en verlaten we hem of haar weer om dezelfde redenen. Vroeger was een ‘goede' partner iemand die voor een inkomen zorgde of voor het huishouden kon instaan. Nu moet die persoon niet alleen een economisch interessante partij zijn en een goede mogelijke vader of moeder, maar ook onze beste vriend en minnaar, onze soulmate. Een partner heeft nog nooit aan zoveel romantische idealen moeten voldoen."
"En al kunnen we onze huidige keuzevrijheid alleen maar toejuichen, toch kan je je afvragen of we daarin niet zijn doorgeschoten. Door zoveel eieren in die ene mand te leggen, alles te verwachten van die ene partner, leggen we een enorme druk op onszelf en de andere."
 
Komen vermijders er wel toe om dit boek te lezen? Je ziet de angstig gehechte personen steeds weer investeren in relatieboeken, therapie, terwijl de vermijders dat allemaal vooral... vermijden.
Rika: "Ik denk dit niet. Zich emotioneel ontkoppelen, ‘plots' weglopen, ‘je gevoel volgen' tot elke prijs... zijn een paar van die typische gedragingen van vermijders. Maar ook daar is veel lijden, leegte, onvervuld verlangen. Je hechten is het natuurlijke patroon. Vermijdend zijn in relaties is altijd een gevolg van een onveilige hechting. Het is coping gedrag, ontwikkeld in de ‘oorlogszone' waarin deze mensen zijn opgegroeid. Ook vermijders kampen erg vaak met de vraag: waarom ben ik nog single? Waarom lukt het in mijn relaties niet? Waarom ervaar ik telkens als ik samen ben met iemand zoveel onrust? Dus ja, ook mensen met een vermijdende hechtingsstijl hebben vaak tal van vragen en vinden op die vragen in dit boek een antwoord. Het boek kan een eerste stap zijn voor wie de drempel naar therapie te hoog is. ‘Blijf bij mij' is een eye opener omdat het deculpabiliseert en afrekent met stereotiepen: Mars-Venus maakt plaats voor een verhaal van mensen."
 
In je boek stel je dat vermijders wel trouwe en diepe vriendschappen hebben. Hoe rijm je dit met het feit dat ze nauwelijks intimiteit willen delen in een relatie?
Rika: "In vriendschappen geldt een ander soort van intimiteit dan in liefdesrelaties. Wie als kind intimiteit en kwetsbaarheid als pijnlijk en bedreigend heeft ervaren, heeft als volwassene veel angst om die opnieuw aan te gaan met een exclusieve partner. Vermijders vinden elkaar buiten hun relaties, en durven daar wel te praten over hun eigen intieme verhaal. Of zullen dat net ook daar vermijden door met hun vrienden zoveel mogelijk te doen en zo weinig mogelijk te praten. Je ziet de twee. Seks opzoeken zonder emotionele verbondenheid, is ook typisch gedrag. Maar ik wil geen enkele hechtingsstijl culpabiliseren; elk type brengt iets bij aan het grote verhaal."
 
Moeten we ook niet wat beter leren alleen zijn, in plaats van ons al te snel in relaties te storten die destructief blijken?
Rika: "Natuurlijk moet je voor jezelf de beste partner zijn: zelftroostend, zelfstimulerend, zelfcorrigerend, noem maar op. En het is uiteraard zeer gezond om eventjes alleen te blijven na een relatiebreuk. Alleen zijn kan je oefenen, leren. Maar al bij al hebben we altijd anderen nodig, dat maakt gewoon deel uit van ons mens-zijn."
"Je kan als single natuurlijk een goed leven hebben, maar je kan niet verwachten dat iedereen dit waarmaakt. Het verhaal van autonomie klinkt in onze samenleving veel luider dan dat van de verbondenheid. Je individuele ambities waarmaken, staat voorop. Ook het onderwijs zet hier sterk op in, alsof iedereen het aankan om alleen voor een jaar naar het buitenland te gaan studeren, internationaal stages te lopen... Laten we onze relaties koesteren."
 
Je boek past volgens sommigen in een trend. Dirk De Wachter en Paul Verhaeghe waarschuwen eveneens voor de ophemeling van het individualisme, het materialisme. In hoeverre denk je dat het huidige economisch-politieke systeem invloed heeft op onze persoonlijke hechtingsstijl binnen relaties?
Rika: "Deze drie boeken zijn in wezen een pleidooi voor meer verbondenheid, voor meer nadruk op het relationele. Gezien de hoge verkoopcijfers beantwoorden ze blijkbaar aan een behoefte."
"Ik volg De Wachter in zijn pleidooi om in onze relatie met kinderen te durven grenzen stellen. We bewijzen hen geen dienst door aan al hun verlangens tegemoet te komen. Je kinderen veel knuffelen is niet genoeg voor een veilige hechting. Duidelijke grenzen stellen en binnen een veilig kader het verschil onderlijnen, is even cruciaal. Ook in het onderwijs is de trend te vaak het conflict vermijden; daar zijn nu te weinig mannelijke rolmodellen aanwezig. Veilige hechting staat onder druk in deze maatschappij waarin het individu, het prestatiemodel vooropstaan, terwijl er tegelijk weinig morele gezagskaders overblijven."
 
En de toekomst?
Rika: "Ik blijf toch positief: de menselijke soort corrigeert zichzelf telkens weer. Zo zie je nieuwe vormen van solidariteit ontstaan, buurten die op een eigentijdse manier het vroegere gemeenschapsgevoel nieuw leven inblazen."

 
De vier hechtingsstijlen, in een notendop
Als kind kunnen we ons op verschillende manieren hechten aan onze ouders. Dat patroon nemen we mee naar onze volwassen relaties. Naast vier basistypes vinden we tal van varianten. Er zijn geen ‘goede' of ‘foute' hechtingsstijlen; elke stijl heeft zijn aandeel in een relatie.
Eens onveilig gehecht, altijd onveilig gehecht? Dat hoeft niet. Je stijl kan evolueren, bijvoorbeeld door wat je meemaakt in relaties. Naar je eigen geschiedenis kijken en onderzoeken welk type je bent, is een eerste stap naar een beter inzicht in hoe jij functioneert in relaties en hoe je meer deugddoende banden kunt opbouwen.
De checklist in het boek zet je op weg. Maar om je precieze stijl te bepalen, is een diepgaander interview nodig.

1. Veilig gehecht
- ongeveer de helft van onze bevolking
- komen meestal uit een stabiel nest
- hebben realistische verwachtingen over relaties
- zijn goed in staat om moeilijkheden in relaties te overwinnen
- scheiden minder

2. Angstig gehecht
- een vijfde van de bevolking
- zijn steeds op zoek naar de totale liefde
- kunnen moeilijk alleen zijn
- leerden onvoldoende voor hun eigen welbevinden te zorgen
- piekeraars die bevestiging zoeken (bijvoorbeeld op een podium)
- hun groot verantwoordelijkheidsgevoel maakt hen kwetsbaar voor burn-out
- zijn trouw en loyaal; brengen mensen samen

3. Afwijzend-vermijdend gehecht
- een overlevingsmechanisme, ontwikkeld door kinderen van ouders die emotioneel niet beschikbaar waren of die zijn opgegroeid in een gezin met veel conflicten, met mishandeling of verwaarlozing
- beschermen zichzelf voor de pijn van afwijzing door nabijheid te vermijden; ze hebben geleerd om 'flink' te zijn
- lijden vaak aan onbereikbare liefdes, die hen ‘bewijzen' dat een relatie hen niet gegund is
- type ‘eenzame cowboy': voortdoen, niet voelen!
- ondernemen vaak verre reizen of storten zich in het avontuur
- staan autonoom in het leven; investeren in zelfontplooiing
- helpen graag anderen, als ‘vlucht' uit hun eigen leven en als compensatie voor eigen emoties

4. Angstig-vermijdend gehecht
- hebben zich als kind afgewezen gevoeld
- knipperlicht-geliefden, verslaafd aan aantrekken en afstoten
- hebben een onrealistisch ideaalbeeld van relaties: altijd passie en totale overgave, of niets
- willen zich graag binden, maar durven niet
- voelen zich vaak onbegrepen
- scheren hoge toppen, gaan dan weer door diepe dalen