S.O.S. Relatie onder druk

25 november 2019

Simon (33) en Hannah (35) zijn 5 jaar samen en hebben twee kinderen van 3 en 2 en een derde op komst. Hannah geeft tot op vandaag borstvoeding aan de kinderen, maar wil dat bij het derde anders aanpakken. Simon ziet dat anders, maakt zich regelmatig boos. Hannah gaat heel slecht om met de stress die dit teweeg brengt. Op advies van de gynaecologe komt het koppel op gesprek. Column voor Libelle

Hannah

Ik leerde Simon kennen op een singlesevent. Het was een van de eerste keren dat ik opnieuw uitging na mijn scheiding. Ik ben 9 jaar samen geweest met mijn ex, een echte dwingeland. De laatste jaren kwam er ook regelmatig geweld bij te pas, waarvoor ik uiteindelijk ook ben gevlucht. Toen alles rond was, was ik blij met mijn tijd alleen. Maar ik wou ook graag kinderen, wat mijn ex weigerde. Ik moest er alleen voor hem zijn, al brak hij me ook de hele tijd af. Simon was anders, gaf me het gevoel belangrijk te zijn. Ik voelde me opnieuw een vrouw die de moeite waard is. We gingen snel samen wonen en binnen het jaar was ik zwanger. Mijn beide zwangerschappen zijn erg moeilijk verlopen. De laatste maanden moest ik altijd platte rust respecteren. We hebben ook geen makkelijke slapers, ze eisen me veel op en alleen ik kan voor hen zorgen, gezien de borstvoeding. Ik ben er samen met Simon altijd van overtuigd geweest dat borstvoeding het beste is wat we onze kinderen kunnen bieden, zo lang als mogelijk. Tot op vandaag krijgen Lars en Lennert borstvoeding. Sommige mensen vinden dat vreemd, maar wij zijn daarin altijd onze weg gegaan. Wij leven bewust, op veel vlakken. Na de bevalling van onze tweede zoon, Lennert, heb ik het een hele tijd moeilijk gehad. Hij weende veel, waardoor ik moeilijk een contact kon opbouwen met hem, hij putte me zo uit. Ik denk dat ik toch een soort van postnatale depressie heb gehad. Onze zwangerschap nu is gewenst, maar was niet gepland. We krijgen een dochter, waarmee ik heel blij ben, maar tegelijkertijd ben ik ook bang. Opnieuw door al de ellende gaan en vooral,  hoe zal het zijn na de geboorte. Ik had voor mezelf al uitgemaakt dat opnieuw drie jaar borstvoeding geven, geen optie is. Ik ben moe, leeg, na zolang continue mijn borsten te delen. Simon werd heel boos toen ik het zei. Hij is ervan overtuigd dat onze dochter nooit een goede band met mij zal opbouwen, ze de geborgenheid niet zal kennen van de andere twee, flesjes ook voor haar gezondheid een mindere keuze zijn. Ik kan dat niet maken volgens hem. Hij eist dat ik opnieuw borstvoeding geef en ook verder ga met de andere kinderen zolang ze dat nodig hebben. Als het te zwaar is, suggereert hij dat ik maar deeltijds moet gaan werken. Dat zie ik niet zitten. Ik heb een heel toffe job die ik niet kan uitoefenen op deeltijdse basis, dus dat zou dan stoppen betekenen. Hij vindt dat ik de kinderen op de eerste plaats moet zetten, niet de carrière. Zelf geraken we hier niet meer uit. Ik heb zelfs schrik gekregen om het thema aan te raken, maar panikeer ook als ik bedenk dat ik hier weer voor jaren door moet. Ik zie dat echt niet meer zitten en kan het ook niet meer aan, maar dat gelooft Simon op de een of andere manier niet. 

Simon

Toen ik Hannah leerde kennen had ik al een aantal relaties achter de rug, telkens van eerder korte duur. Ofwel bleken zij mij na verloop van tijd te ernstig, te geëngageerd vinden, ofwel vond ik hen niet bijzonder aantrekkelijk, waardoor ons seksleven al heel snel verwaterde tot niks. Voor mij is dat erg belangrijk. Als de seks niet goed zit, werkt het niet, kan ik het ook niet opbrengen te investeren in een relatie. Met Hannah voelde het van bij aanvang goed aan.  Zij is een heel lieve vrouw, erg gericht op de relatie, heel zorgzaam ook. We hadden ook allebei een sterke gezinswens die we snel uitgesproken hebben. Waarom nog wachten, zo voelde het voor ons beiden. Hannah was snel zwanger, we waren daar allebei heel blij mee. De zwangerschap verliep niet van een leien dakje, maar ik heb haar in alles zoveel als mogelijk ondersteund. De geboorte van onze eerste zoon was een heel mooi moment. Ik was blij eindelijk vader te kunnen zijn, maar voelde tegelijkertijd ook de enorme verantwoordelijkheid die dit met zich meebrengt. Bovendien heb ik het toch onderschat, de nachten, de praktische zorg voor een klein kind. Ook tussen ons als koppel ging het daardoor toch minder. Ons seksleven schoot er bij in, ik had het gevoel dat Hannah minder open stond voor mij, ik er minder toe deed, en ik vond dat best pijnlijk. Ik weet dat ze haar best doet, ze een goede moeder is, maar ook als partner wil je graag aandacht en erkenning krijgen. Ik kom zelf uit een koud gezin. Mijn moeder was altijd ziek, zat vaak in de psychiatrie, mijn vader werkte hard, maar dronk ook veel. Wij waren met drie en ik als oudste heb altijd voor mezelf en mijn broers moeten zorgen. Ik wil het anders doen, wil dat mijn kinderen aan warmte en betrokkenheid niets te kort komen. Ik ben bewust met hen bezig, heb de TV opgezegd om echt aanwezig te kunnen zijn. Wij aten thuis ook heel ongezond en ook dat doen wij anders. Evenwichtige, goede voeding vind ik heel belangrijk. Om die reden vind ik het ook zo belangrijk die borstvoeding. Ik ben er zeker van dat dit het beste is voor hun ontwikkeling en ze die warmte en nabijheid hard nodig hebben. Vrouwen die geen borstvoeding geven, ik snap dat niet. Je wil toch het beste voor je kindje? Ik begrijp het dan ook niet dat Hannah het voor ons derde kind nu in vraag stelt en ze ook de borstvoeding voor de anderen wil afbouwen. Ik voel dat ze nog veel nood hebben aan die troost en nabijheid en vindt het belangrijk dat ze die ook ten volle krijgen. Onze kinderen goed opvoeden beschouw ik als onze belangrijkste opdracht, ik dacht ook altijd dat zij er ook zo over dacht. Dat wil voor mij ook zeggen dat werken daaraan ondergeschikt is. Ik zou liever hebben dat Hannah deeltijds gaat werken en zo voldoende tijd heeft voor ons en onze kinderen. Ik zal dat standpunt ook altijd blijven verdedigen en hoop dat ze via deze weg opnieuw tot dat inzicht kan komen.

 

Hoe het verder ging

Hannah en Simon zijn op het eerste gezicht een rustig stel dat bewust in het leven staat. Hun interactie lijkt afgestemd, maar onderhuids leven er spanningen. Zo merk ik dat Hannah  voortdurend bezig is met wat Simon zegt en ze zich duidelijk daaraan aanpast. We hebben het over de conflicten in hun relatie. Zij geeft aan dat ze ruzie vreest, ze dan dichtklapt, stress opstapelt,  hoofd- en buikpijn krijgt. Ze ervaart Simon ook als erg eisend. Simon geeft aan dat hij het allemaal zo niet bedoelt. ‘Als ik een opmerking geef, is dat ook maar omdat ik met iedereen het beste voorheb.’ We praten over hun jeugdervaringen. Hannah heeft het over haar ouders die veel ruzie maakten. ‘Ik wist nooit hoe mijn ouders gestemd zouden zijn. De ene dag verliep alles perfect normaal, de volgende dag kwamen we van school en belandden we midden een soort van oorlogsgebied. Hierdoor heb ik tot op  vandaag schrik van conflicten.’ Simon heeft het over zijn zorgende rol, het feit dat er nooit iemand was voor hem en zijn broers. ‘Ik vind daarom nabijheid en betrokkenheid erg belangrijk. Als koppel moet je er voor elkaar zijn, altijd. Zo vind ik het erg als Hannah persoonlijke dingen met haar familie bespreekt, alsof ik niet voldoe als steun. ’ Hannah begrijpt dat. ‘Ik moet het natuurlijk blijven aankunnen. Ik heb nu vaak het gevoel dat ik, mijn lichaam niet van mij is. Mijn borsten lijken wel openbaar bezit. Ik ben zo op. Ik heb ook nood aan meer dan ons gezin. Mijn familie is in tegenstelling tot Simon altijd belangrijk geweest. Waarom zou ik niets met hen mogen delen?’ Wanneer we verder doorgaan op deze thema’s blijkt dat de discussie over de borstvoeding, over Simon zijn verlangen naar een samensmeltend gezin, de grenzeloze manier van geven van Hannah, samenhangt met hoe ze thuis leerden overleven. Voor Simon staat borstvoeding gelijk met de geborgenheid die hij nooit kreeg als kind. Omdat zijn ouders er nooit waren, vindt hij dat je binnen een gezin er altijd moet zijn voor elkaar. Hannah op haar beurt geeft vanuit een angst voor conflict, vanuit aanpassingsgedrag, waardoor ze zichzelf verliest met uitputting als gevolg. Ik heb het met hen over hun behoefte aan nabijheid,  hoe je die toch maar ingevuld krijgt als je ook jezelf mag blijven en in overleg dingen beslist kunnen worden. We pakken vanuit die visie de discussie over borstvoeding aan. Simon blijft hameren op het belang van de kinderen, waarop Hannah telkens heel emotioneel wordt. ‘Ik wil hetzelfde als Simon, ik kan het alleen niet meer en als we als gezin verder willen, moet daar een andere oplossing voor komen.’ Doordat ze zo emotioneel wordt, beseft Simon voor het eerst hoe diep het gaat bij zijn vrouw. ‘Misschien voelde ik me afgewezen als ze zei dat ze het niet langer wou.’ We denken na over alternatieven. Hannah heeft het over kolven, zodat Simon flesjes kan geven, niet alle nachten voor haar zijn. Simon ziet langzaamaan de positieve kanten, het feit dat hij daardoor van bij aanvang de kans krijgt een dichtere band met zijn kind op te bouwen. Ze besluiten het zo aan te pakken. Verdere gesprekken worden uitgesteld tot na de bevalling omdat Hannah platte rust voorgeschreven krijgt.