Tweede keer, goede keer. Of toch niet?

27 februari 2014

Scheiden en toch opnieuw voor dezelfde vrouw of man kiezen... Voor de meeste koppels die uit elkaar gaan, lijkt dit eerder een nachtmerrie dan een droom. En toch kan het. Marjan koos opnieuw voor Mark, Catherine werd voor de tweede keer verliefd op Frank. Barbara Claeys van Libelle vraagt toelichting over dit fenomeen aan Rika Ponnet.

 

Marjan (41) en Mark (44) leerden elkaar twintig jaar geleden kennen. Drie jaar later beloofden ze elkaar eeuwige trouw. Alles ging goed. Totdat Mark tien jaar geleden overspel pleegde. Ze gingen uit elkaar maar bleven elkaar zien. Eerst omwille van de kinderen Tristan (16) en Mare (13), later omdat ze het gewoon fijn vonden. Marjan en Mark werden weer verliefd op elkaar. Hun liefde bleek sterker dan verwacht. Zo sterk dat ze voor een tweede maal voor elkaar kozen...

"Ik was net eenentwintig toen ik Mark voor het eerst ontmoette. Het was op een feestje bij vrienden. Ik kwam binnen, zag hem en was op slag verliefd. Al snel stonden we samen aan de bar. ‘Rook je?' vroeg hij. Ik schudde mijn hoofd. ‘Jammer,' reageerde hij. ‘Konden we samen een sigaretje in de tuin opsteken?' Net toen hij aanstalten maakte om naar buiten te gaan, zocht ik al mijn moed bijeen en fluisterde ik zacht: ‘Ik kan ook zomaar mee. Voor de gezelligheid.' Hij sloeg zijn jas om me heen en even later stonden we op het terras te praten. Over wat we zo allemaal deden in het leven. Mijn studies psychologie. Zijn baan als reclameman. Mark bleek een zachte man. Met humor. En een ongelofelijke joie de vivre. Na ons gesprek buiten bleven we de rest van de avond samen. Ik genoot en wilde Mark zo graag beter leren kennen.
Dat gebeurde ook. De volgende dag al stuurde Mark me een mailtje. Of ik zin had in een pint samen? Enkele dagen later zag ik Mark terug. ‘Ik ga morgen voor het eerst muurklimmen,' vertelde hij. ‘Jammer dat ik dit nu pas weet,' zei ik. ‘Anders was ik met je meegegaan.' Mark reageerde niet, had het snel over iets anders. Totdat hij de volgende dag al voor dag en dauw voor mijn deur stond. ‘Je wilde toch mee?' We gingen eerst uitgebreid ontbijten en daarna nog even de stad in. Van het muurklimmen kwam uiteindelijk niets in huis. Want zonder er een woord met elkaar over te wisselen, wilden we allebei hetzelfde. Nog die avond ging ik voor het eerst met Mark naar bed. Het was heerlijk. Wakker worden in de armen van mijn nieuwe grote liefde... Mijn geluk kon niet op.
Onze relatie was vooral leuk. Mark bleek een passievol iemand. Me verrassen met een etentje, een weekendje Brugge of simpelweg een boeket met vijftig knalroze rozen. Hij droeg me op handen. En ik adoreerde hem. Al snel trok ik bij Mark in. We werden onafscheidelijk. En iedereen mocht dit zien en weten. Dus vroeg Mark me drie jaar na onze eerste ontmoeting ten huwelijk. Natuurlijk zei ik ‘ja'. Ik was afgestudeerd en kon in een groepspraktijk aan de slag. Niets stond ons nog in de weg. Een prachtig huwelijksfeest volgde. En even later ook het moederschap. We kregen een zoon, Tristan. En drie jaar later kwam ook Mare. Ons leven veranderde totaal. Van impulsieve weekendjes weg en vaak en laat uitgaan was geen sprake meer. Ik zat aan huis gekluisterd, wilde er vooral voor mijn kinderen zijn. En Mark? Hij begreep me wel, deed zijn best maar had er soms wel moeite mee. Hij miste zijn vroegere leven, zei hij me soms. Ik had ergens wel met hem te doen. Dus gaf ik hem de vrijheid om met de vrienden op stap te gaan. Ik maakte er lange tijd geen punt van als hij nog maar eens 's morgens vroeg thuiskwam. Mark had dit nodig, dacht ik steeds weer.
Maar stilaan veranderde Mark ook op andere vlakken. Hij leefde erop los en was steeds minder thuis. Ook tijdens het weekend kon hij zomaar twee dagen verdwijnen. Om dan terug thuis te komen en geen woord uitleg te geven. Ik werd achterdochtig, stelde me steeds meer vragen. Totdat ik hem na een zoveelste ruzie vroeg of er een ander was. Hij keek me kil aan en zei zonder enige twijfel: ‘ja'. Mark bleek al acht maanden een andere relatie te hebben. Ik voelde me verraden en bedrogen. En hij pakte zijn koffer en verdween. Ik was een wrak. De liefde van mijn leven liet me zomaar vallen voor een ander. Maar ik moest verder, voor de kinderen. En al zeg ik het zelf, dit lukte me vrij goed. Verstand op nul en doorgaan, ik had geen andere keuze.
Naarmate mijn boosheid zakte, kwam er meer ruimte voor het echte verdriet. En voor het gemis. Bij alles wat ik deed, was Mark in mijn gedachten. De gedachte dat hij bij die andere vrouw was ingetrokken, deed me zo'n pijn. Mark hoorde bij ons. Ik miste mijn geliefde, mijn maatje, mijn man. En ja, we bleven elkaar zien. Al was het maar om de kinderen. Hij kwam ze vaak tijdens het weekend ophalen. Telkens weer bonkte mijn hart in mijn keel als de bel ging. Mark deed me nog zoveel. Wat hij me ook had aangedaan, ik bleef verliefd. Het klinkt misschien gek maar ik zag weer de Mark van vroeger. Hij was lief en behulpzaam. En langzaamaan vond ik ook mezelf weer terug. Het werd tussen Mark en mij rustiger. We maakten steeds minder ruzie.
Ik wilde niet langer in ‘ons' huis blijven, dus zocht ik een ander huisje. Mark bood aan om te helpen verhuizen. Ik zie ons nog staan, tussen de dozen. Het was hartje zomer en snikheet. Een zweetdruppel liep langs mijn linkerslaap. Mark veegde de druppel met zijn vinger weg. Heel teder. Een rilling ging door mijn lichaam. En voordat ik het goed en wel besefte, stonden we te kussen. Net als vroeger. Ik was helemaal in de war. En ook Mark schrok. Als nooit tevoren stonden we in vuur en vlam voor elkaar.
Enkele weken later gingen Mark en ik samen naar het oudercontact van Tristan. Na het gesprek met de juf vroeg Mark me of ik zin had in een glas in het café op de hoek. Even later zaten we samen aan de bar. En opnieuw voelde ik duizend vlinders in mijn buik. Toen Mark me naar huis bracht en we nog even in de auto bleven praten, gebeurde het weer. We kusten, konden maar niet genoeg van elkaar krijgen.
Intussen was alles al in orde gebracht om te scheiden. Maar ook al hadden we het er nooit over, toch stelden we de laatste stap bij de notaris steeds weer uit. En zagen we elkaar steeds vaker. Stiekem. Niemand mocht dit weten. Want terug samen, daar dachten we in eerste instantie niet aan. Eens een vreemdganger altijd een vreemdganger, zeggen ze toch. Ik wilde niet dat Mark me nog eens pijn deed. De liefde die ik opnieuw voelde opkomen, duwde ik weg. Dus genoot ik van mijn man maar hield ik tegelijkertijd ook de boot af. En dat stiekeme daten had wel iets. De spanning die vroeger tussen ons hing, was er weer helemaal.
Mark was steeds vaker bij me als de kinderen er niet waren. Dan namen we allebei een vrije namiddag en genoten we volop van elkaar. Mark keek weer naar me zoals vroeger. Langzaamaan zag ik de man op wie ik zo verliefd werd terug. Het was fijn om zijn lijf weer te voelen. Alles was zo vertrouwd. En alles voelde zoveel intenser. Soms waren we net verliefde pubers. Ik had een verhouding met mijn eigen man. En het voelde heerlijk.
Een jaar lang hebben we verstoppertje gespeeld. Maar hoe vaker we elkaar zagen, hoe duidelijker het voor ons werd: we zitten zo in elkaars systeem. Er is niemand op de hele wereld die me zo goed kent. Hij weet waar ik om moet lachen. Hij weet wat ik lekker en leuk vind. En we praatten meer dan ooit. De gesprekken die we vroeger nooit voerden, kwamen spontaan. En toen hielp het noodlot ons een beetje. Op één van onze namiddagen samen kwam Tristan onverwacht thuis. Hij schrok zich te pletter toen hij zijn moeder in de armen van zijn vader zag liggen. Hij trok de deur weer achter zich dicht en verdween. Enkele minuten later kreeg ik een sms'je: ‘Mama, als jullie weer samen zijn, zeg het ons dan gewoon. We zouden niets liever willen. Maar wees eerlijk. Speel geen spel.' Onze zoon drukte ons met de neus op de feiten. Hij had gelijk. Waar waren we in godsnaam mee bezig?
Mark vertrok en speelde thuis open kaart. Ook ik had die avond een lang gesprek met de kinderen. Ze waren in alle staten. Zo gelukkig. ‘Mijn grootste droom komt uit, mama', riep Mare enthousiast. Dit moest gebeuren. Het had geen enkele zin om ook mijn gevoelens nog langer tegen te houden.
Enkele weken later trok Mark bij ons in. In ons gezellige kleine huisje. Eindelijk was het gezin weer samen. En alles ging goed. Mark en ik hadden weer respect voor elkaar. We maakten ons niet meer druk om details. We waren rustiger. En dat deed ons goed. Zo goed dat we nu alweer vier jaar onder dat ene dak wonen. Gelukkiger dan ooit. Voor eens en voor altijd, dat hebben we elkaar voor een tweede keer beloofd. Mark en ik laten elkaar nooit meer los, dat weet ik zeker".

Catherine (38) werd tien jaar geleden dolverliefd op Frank. Ze trouwden en genoten van hun leven samen. Totdat Catherine over kinderen begon en Frank bekende dat hij het vaderschap niet zag zitten. Catherine kon zich niet verzoenen met een leven zonder kinderen en verliet Frank, in de hoop ooit wel de geschikte vader te vinden. Maar die vond ze niet. Ze miste Frank zo dat ze de relatie een nieuwe kans gaf. Tot haar twee jaar geleden duidelijk werd dat Frank toch niet de man van haar leven is. Catherine en Frank gingen voor de tweede keer uit elkaar.

"Ik heb altijd kinderen gewild. Logisch dat ik op zoek ging naar een man die dezelfde kinderwens deelde. Toen ik op mijn achtentwintigste Frank leerde kennen, maakte ik me daar geen zorgen over. Frank was gek op kinderen, dat zag ik toen we met de kindjes van mijn zus op stap gingen. Ze hingen letterlijk aan zijn been. En Frank genoot. Hij was gek op mijn neefjes. Frank zou de vader van mijn kinderen worden, dat wist ik zeker. Dus nam ik twee jaar na onze ontmoeting met heel mijn hart zijn huwelijksaanzoek aan. Het werd een prachtige huwelijksdag. En al snel vonden we het huis van onze dromen. Reizen was onze passie. We waren vaak van huis, soms zelfs voor enkele weken. De mooiste plekken binnen en buiten Europa zien, dat was ons doel. Van zodra we wat extra spaarcenten hadden, boekten we tickets. Heel fijn. En ja, we hadden de tijd van ons leven. Frank en ik bleken de perfecte reispartners. Pas dan kwamen we helemaal tot rust en hadden we écht tijd voor elkaar.
En toch begon zo'n twee jaar na ons huwelijk mijn hart te verlangen naar een kindje. Het ouderschap zou ongetwijfeld de volgende grote stap in ons leven worden. Ik liet me stiekem nog eens extra checken bij de gynaecoloog. Alles bleek in orde, ook mijn lichaam was er klaar voor. Dus was ik van plan om snel met de pil te stoppen en wilde ik dit met Frank bespreken. Ik boekte een tafel in een gezellig restaurantje. Mijn god, wat was ik nerveus. Je vraagt een man niet elke dag of hij de papa van je kind wil worden. Ik was ervan overtuigd dat hij verrast maar vooral enthousiast zou reageren. Maar dat gebeurde dus niet. ‘Nu al?' vroeg hij. Een koude rilling ging door mijn lijf. ‘Waarom niet?' vroeg ik hem aarzelend. ‘Omdat ik het nu nog niet wil,' reageerde hij zonder me aan te kijken. Mijn mond viel open. ‘Ik ben tweeëndertig, Frank,' was het enige dat ik er nog uit kreeg. ‘So what?' ging hij verder. ‘Ik wil eerst de wereld zien. Doe ik dit niet, dan zal ik daar mijn leven lang spijt van hebben. En kinderen? Ik weet het niet. Ik wil vrij zijn, kunnen doen en laten wat ik wil.' Frank ging zo nog een tijdje verder. Ik, ik, ik. Alleen zijn visie, verlangens en gevoel werden besproken. Die avond kroop ik naast een man in bed die me voor het eerst écht pijn had gedaan. Ik was kwaad en teleurgesteld. Hoe moest het nu verder?
De dagen na ons etentje volgden de ruzies en discussies elkaar op. Hoe vaker we het erover hadden, hoe duidelijker het me werd: Frank wilde geen kinderen! ‘Ik wil leven,' herhaalde hij telkens weer. Alsof dit niet kon mét kinderen. Ik voelde dat ik rigoureuze keuzes moest maken. Bij Frank blijven zonder kinderen of toch dat punt achter de relatie zetten, in de hoop een tweede liefde van mijn leven te vinden. Ik koos uiteindelijk voor het laatste.
Dus vertelde ik Frank op een avond dat ik er een punt achter wilde zetten. Hij schrok, had dit helemaal niet zien aankomen. Hij wilde alles doen op me op andere ideeën te brengen. Op één iets na dan. En net dat had ons uit elkaar gedreven.
Ik zocht een appartementje en ging op mezelf wonen. Hopend op een nieuwe start. O ja, ik miste Frank. Heel erg zelfs. ‘Maar een man die me mijn grote droom afneemt, dat kan onmogelijk de ware zijn,' sprak ik mezelf toe op moeilijke momenten.
Frank en ik regelden de scheiding in alle rust. Op enkele maanden tijd was alles achter de rug. We gingen verder met ons leven, maar dan zonder elkaar. Het was alsof ik een tweede adem kreeg. Ik stortte me in het uitgaansleven. Ik was voortdurend op stap. Al snel had ik een eerste date. En een tweede. En een derde. Ik liet geen enkele kans aan me voorbijgaan. En elke man werd bij de eerste ontmoeting al gewikt en gewogen. Potentiële vader of niet? Twee jaar lang ben ik letterlijk op zoek geweest. Niet gezond, dat besefte ik pas later. Mannen voelen zoiets, dat kan niet anders. Maar wat moest ik? De jaren gingen voorbij, de biologische klok tikte steeds harder én dit was de absolute reden van mijn breuk met Frank. Dus moest en zou ik de vader van mijn kinderen vinden. Niet dus. Elke man werd vergeleken met Frank. Geen enkele kon aan hem tippen. Frank was knapper, wijzer, grappiger, verrassender, avontuurlijker... Hoe meer dates ik had, hoe meer ik hem miste. Hoe hij me ook had gekwetst, ik bleef Frank doodgraag zien. Een leven zonder hem kon ik me niet voorstellen. En ik wist via vrienden dat ook Frank me nog steeds miste.
Dus nam ik op een dag de telefoon en tikte met trillende vingers zijn nummer. ‘Jij weer?' was zijn eerste reactie. Maar ik hoorde dat ook zijn stem trilde. Nog diezelfde avond zaten we samen op café. Net als vroeger. Zo vertrouwd. Wat had ik zijn lichaamsgeur gemist. Zijn donkere ogen. Zijn ondeugend lachje. Zijn vertrouwde aai over mijn hoofd als ik iets zei waar hij om moest lachen. Het werd al licht toen Frank me naar huis bracht. Hij gaf me een kus. En ik gaf eentje terug. Meer gebeurde er toen niet. Maar ik heb de hele nacht liggen woelen. Ik wilde Frank terug. En het liefste zo snel mogelijk. En ook hij dacht er blijkbaar net zo over. De volgende dag stond hij aan mijn deur. Ik liet hem binnen alsof het de normaalste zaak van de wereld was. En Frank is sinds die dag gebleven. We werden weer een koppel. Ik was zesendertig, had me twee jaar de tijd gegeven om een andere partner te vinden maar geen enkele man bleef overeind. Ik zag het niet zitten om pas op mijn veertigste moeder te worden. Stilaan drong tot me door dat ik het moederschap sowieso uit mijn hoofd zou moeten zetten. En dat ik me moest verzoenen met een leven zonder kind. Dus liet ik Frank weer toe in mijn hart. We gaven het nog een nieuwe kans. En in den beginne was het fantastisch. We trokken er weer vaak samen op uit. We genoten van alles wat op ons pad kwam. Alsof we nooit uit elkaar waren geweest. Frank was die eerste maanden van onze nieuwe relatie ook een stuk rustiger. Ik was ervan overtuigd dat hij eindelijk inzag dat je in een relatie rekening met elkaar moet houden. Heel naïef, zo bleek later. Een vos verliest zijn haren maar niet zijn streken, zeggen ze toch? Frank liet steeds vaker zijn dominante trekjes weer zien. Hij bepaalde op den duur opnieuw ons volledige doen en laten. En wat ik dacht? Daar hield hij steeds minder rekening mee. Frank besliste alles. Waar we aten? Wat we aten? Met wie we aten? Wie bij ons welkom was? Wie niet? Wat onze reisbestemming werd? Welk hotel? Wanneer? Wilde ik dat het thuis rustig bleef, dan moest ik gewoon bij alles ‘ja' knikken. Heel gemakkelijk. Maar zo zit ik niet in elkaar. Dus begon het na anderhalf jaar weer moeilijker te gaan. Elke dag was er wel iets waarover we woorden hadden. Ja, ook mijn kinderwens kwam weer naar boven. Ik bleef dit hem verwijten. En hij werd steeds agressiever en kwader.
En toen kwam de spreekwoordelijke druppel. In het heetst van een zoveelste discussie gaf Frank me een klap in het gezicht. Hij schrok, zei meteen dat het hem speet. Maar ik had er genoeg van. Zo wilde ik niet leven. Die avond nam ik een definitief besluit. Ik was zevenendertig, had nog heel wat jaren voor de boeg. Als ik er echt nog iets van wilde maken, moest ik Frank voorgoed uit mijn systeem bannen. Frank was niet de man van mijn leven, ook al was ik daar jaren rotsvast van overtuigd. Vorig jaar begon ik helemaal opnieuw. Zonder Frank. Maar vastberaden om weer voluit te leven. En dat lukt me behoorlijk. Meer nog, ik heb twee maanden geleden een man leren kennen met wie het echt klikt. Een man die wél graag vader wil worden. Ik heb nog even vooraleer ik veertig ben. Wat ik volledig had uitgesloten, kan misschien toch nog. Wie weet."
 

Scheiden en voor de tweede maal voor dezelfde partner kiezen: wat zijn de slaagkansen? 
Relatiedeskundige Rika Ponnet: ‘Er bestaan geen specifieke cijfers over huwen voor de tweede keer met dezelfde partner en hoeveel koppels dit tweede huwelijk met elkaar overleven. Maar het is wel zo dat de echtscheidingspercentages bij ‘hertrouwers' een stuk hoger liggen dan bij mensen die voor de eerste keer huwen. Ruim veertig procent van die ‘hertrouwers' slagen niet in hun tweede huwelijk. Voor de tweede maal voor dezelfde partner kiezen en opnieuw met elkaar in zee willen gaan, lijkt me nog een stuk moeilijker. Mensen evolueren wel maar veranderen in wezen niet. Bleek je op een bepaald moment echt niet compatibel meer maar blijft er wel een sterke aantrekking, dan zal dit hoogstwaarschijnlijk de herstart stimuleren. En toch is de kans groot dat het incompatibele karakter na enige tijd weer de kop zal opsteken. Dus slaagkansen? Ik vrees dat die erg klein zijn.'

Toch opnieuw met elkaar beginnen? Bezint eer je begint! 
Rika Ponnet: ‘Ook ik zie wel vaker mensen die terugkeren naar een oude, bekende geliefde. Maar dit heeft meestal met vertrouwd zijn en het veilige gevoel te maken. Gebeurt dit in korte tijd, dan heeft de relatie weinig kansen op slagen. Het is bij de meesten vooral een manier om de losse eindjes die er nog waren bij de vorige breuk alsnog op hun plaats te krijgen. Want al snel merken ze dat de ander toch niet veranderd is en dat de dynamiek in de relatie nog altijd dezelfde is. Ook al waren de voornemens goed, toch worden weer dezelfde daden gesteld. Is de intentie er toch om opnieuw met elkaar te beginnen, dan moet je je toch eerst een erg belangrijke vraag stellen. Waarom gingen jullie toen uit elkaar? Waarmee had de breuk te maken? Als de relatieproblemen vooral een externe oorzaak hadden en die oorzaken zijn intussen van de baan, dan kan opnieuw beginnen een goed idee zijn. Bemoeizuchtige of dominante ouders of schoonouders bijvoorbeeld die er niet meer zijn of met wie er nu een andere verstandhouding is. Of een moeilijke zakelijke of financiële situatie die de relatie heel erg onder druk zette. Waren de problemen daarentegen zuiver van relationele aard - een moeilijke relatiedynamiek, een onvermogen om conflicten uit te praten, onrealistische verwachtingen- en heb je daar als koppel niets mee gedaan, dan is de kans groot dat je als koppel al snel op hetzelfde spoor zit en dat de relatie bijgevolg opnieuw zal stranden.'
 
Proefscheiding als oplossing? 

Rika Ponnet: ‘Een proefscheiding kan een goed idee zijn als de relatie om welke reden dan ook niet meer leefbaar is. Het kan een manier zijn om in het reine te komen met jezelf of om de destructieve of ongezonde manier van met elkaar omgaan te doorbreken via een time out. Snel opnieuw samenkomen, toch ergens contact blijven behouden en in therapie gaan, zijn zonder twijfel noodzakelijk om de relatie toch gaande te houden. Heel wat proefscheidingen blijken de voorbode van een scheiding te zijn. Slechts 25 procent van de koppels die kiezen voor een proefscheiding, blijven toch samen. Omdat er in de relatie vaak al verwijdering was en net door apart te gaan wonen wordt de verbondenheid die al erg broos is nog meer afgebroken en gaat ze tenslotte volledig verloren.'

Waarom lukt het sommige koppels toch?
Rika Ponnet: ‘Omdat mensen soms pas na een tijd waarderen wat ze kwijt zijn. Ze beseffen dat het gras aan die andere kant toch niet groener is en dat ze toch wel heel veel met elkaar deelden. Dat zie je vooral bij koppels die impulsief de stap tot scheiding zetten. Omdat een partner plots verliefd blijkt te zijn op een ander bijvoorbeeld. Vaak moet er omwille van de kinderen met elkaar blijven gepraat worden. Als je dan uit de kwetsbare vaarwaters van de intimiteit kan blijven, dan bestaat de kans dat je elkaar op een andere manier leert kennen en dat je inderdaad ook voor het eerst écht met elkaar praat. Dit zien we soms bij echtscheidingsbemiddeling gebeuren. Tien procent van de koppels die voor bemiddeling kiezen, blijven uiteindelijk bij elkaar omdat ze erin slagen het vertrouwen te herstellen en voor het eerst in lange tijd echt praten. Kinderen zijn trouwens ook een niet te onderschatten factor. Kinderen kunnen na een breuk verbindend zijn tussen ouders die dan omwille van het sterke gezinsgevoel toch opnieuw de stap zetten. Of omgekeerd. Omdat kinderen groter worden en daardoor minder druk zetten op de relatiedynamiek, lukt het koppels beter om zich op elkaar af te stemmen.'

Wat met de kinderen?
Rika Ponnet: ‘Kinderen zijn meestal erg blij als mama en papa het opnieuw proberen. Meer nog, de meeste kinderen van gescheiden ouders koesteren levenslang die droom. Mislukt het dan nog een keer, dan kan dit een heel erg zware dobber zijn. Vandaar dat het belangrijk is om kinderen in alle openheid te betrekken in elke stap die je zet. Opnieuw beginnen gaat vaak gepaard met onzekerheid en angst om opnieuw te falen. Bij elke ruzie of discussie komt dit even om de hoek kijken. Ook bij de kinderen die zich daardoor ‘moeilijker' kunnen gaan gedragen. Vandaar dat ook dit mij een erg grote uitdaging voor elk herkansend koppel lijkt: de angst om nog eens te mislukken zoveel mogelijk onder controle houden. De tijd speelt op dat vlak een grote rol. Hoe langer je weer bij elkaar bent en hoe langer het goed blijft gaan, hoe groter het vertrouwen in ‘slagen' wordt.'